donderdag 20 oktober 2022

(geen) vlees

De tegels die hier aan de muur in de keuken hangen hebben in elk huis waarin mijn ouders woonden gehangen. Vroeger, heel lang geleden, toen we nog op het dorp woonden had mijn vader, die slager was een eigen slagerij. Achter het huis was een slachtstal. Al kan ik me daar niets van herinneren. De tegels komen uit die stal. Toen de slagerij dicht moest hebben mijn ouders die tegels meegenomen, en de klok uit de winkel. Die klok hangt hier ook.

Vijf jaar geleden stopten Annet en ik met het eten van vlees. Het is langer geleden maar als ik niet precies weet hoe lang geleden iets is zet, of zeg ik altijd "vijf jaar". Vijf jaar geleden dus. Bij Annet had het te maken met een toen hoog aantal stalbranden waarbij veel dieren een zinloze en gruwelijke dood stierven. Ik vroeg me toen al een tijdje af wat mij precies het recht gaf om een levend wezen te laten doden, alleen maar om het op te eten. 

In Bulgarije noemt 3% van de bevolking zich vegetariër (in Nederland is dat 5%), 1% is veganist (in Nederland 2%). 63% van de bevolking eet elke dag vlees en 31% doet dat één of twee keer in de week. Een ouder dingetje dat rondhangt op het internet laat zien dat er per gezin 60 kilo vlees wordt gegeten, in Nederland is (of was want de cijfers komen uit 2018) dat 65 kilo. 

Heel fundamentalistisch is ons geen vlees eten trouwens niet. Als we bij buurman Jordan en buurvrouw Dushka eten dan kauw ik vrolijk het vlees dat ze op tafel zetten weg. Ik ken niet genoeg werkwoorden om uit te leggen dat ik geen vlees eet en al helemaal niet waarom ik dat niet doe. Jordan en Dushka horen bij de groep die één tot twee maal per week vlees eten. Die hoeveelheid heeft waarschijnlijk met inkomen, of beter de beperking van dat inkomen te maken. 

Uit een ver buitenland ontvangen we zo soms een vleesvervangersondersteunigspakket. En dat is fijn want hoewel het eerder aangehaalde artikel stelt dat best flink wat Bulgaren regelmatig vlees vervangende producten eet is het voor ons nog een hele expeditie om die producten te vinden. We rijden er één keer in de zeg drie weken voor naar Targovishte. Dat is een redelijk grote stad. Eenmaal daar worden er een stuk of drie supermarkten afgewerkt. Bij de één kun je tofu kopen. De ander verkoopt een soort discus, op de verpakking staat schnitzel al zal dat misschien een drukfout zijn. Je kunt er veganistische smeerselspul voor op brood kopen en bij weer een andere supermarkt zag ik, waarschijnlijk per ongeluk vegetarische salami. Al was de prijs wel zo dat je er eigenlijk een lening voor af moest sluiten. 

Om dit stukje leuk af te ronden moet ik nu misschien iets zeggen over dat er gekookt moet worden. Maar dat zou onzin zijn. Het is te vroeg, buiten schijnt de zon en de poezen lopen nieuwsgierig door de pas gebosmaaide tuin te snuffelen. 

Dan maar niet rond.



donderdag 6 oktober 2022

Het ding op de heuvel

Op de heuvel staat een ding. Of eigenlijk staat er op het heuveltje bovenop de heuvel een ding. De heuvel zie je al als je zo'n 50 kilometer naar het zuiden van de snelweg afdraait om naar Palamartsa te rijden. Na zo'n beetje 25 kilometer zie je dat er op de heuvel nog een klein heuveltje staat. Pas als je op de heuvel staat zie je dat er op het heuveltje een betonnen pilaar van een meter of vijf, zes hoog staat.

Al veel langer vraag ik me af wat die betonnen pilaar toch is. En waarom hij op dat bultige heuveltje staat. Wat doet hij daar? Wie heeft hem er neer gezet, en waarom?

Het is geen zomer meer. De bomen krijgen langzaam gele bladeren, andere worden rood. In de tuin hangen alleen nog kweeperen aan de bomen. De druiven zijn geplukt. Iedereen is bezig met wijn maken. Ook de zonnebloemen en de mais zijn allemaal weg. Wat handig is om het bultige heuveltje te benaderen want dat staat midden in een maisveld.

De heuvel, die tussen de dorpen Palamartsa en Kovachevets ligt heeft een naam, "Kalakotch". Het zal ongetwijfeld iets betekenen. Je loopt er (stevig doorlopen) in wat meer dan een uur naar toe. De heenweg gaat over iets dat ooit een asfaltweggetje was. Nu zijn het vrij ruime gaten met nog wat asfalt eromheen. Heel soms kom je een vrachtwagen met gekapte boomstammen tegen. Of een auto met een wegkijkende meneer, die in het geheimzinnige gebouw met erg veel (schotel)antennes werkt. Om het gebouw, aan het begin van het bos staat een vervaarlijk hek.

Eenmaal boven steek je een veld over en langzaam verschijnt dan het bultige heuveltje. Wat verder gekomen bleek dat misschien overal de mais verdwenen was, maar nog niet boven op de heuvel. 

Omdat er toch helemaal niemand was liep ik, moeizaam door het maisveld naar het heuveltje. Het was stil, de mais ruiste en ik vroeg me even af waar "Children of the corn" van Stephen King toch ook alweer over ging. 

Het heuveltje was dichtbegroeid, en steil. Bovenop het heuveltje stond inderdaad een betonnen, dunne, hoge pilaar. Het uitzicht was wijds. En dat was het wel. Nergens, op wat lelijke graffiti na stond iets. Er waren geen aanwijzingen, er was geen verklaring. Ik liep een beetje rond, en ging maar weer weg. 

Er was natuurlijk weer mais, een soms vaag pad en een stuk over beton omdat er daaronder een grote gaspijplijn loopt. Langs herfstig wordende bomen en struiken liep ik terug naar huis. 

De "Kalakotch" heuvel is 448 meter hoog. Het bultige heuveltje op de grote heuvel is, volgens de jongen die uitleg gaf in het museum in Popovo een Romeinse grafheuvel. De betonnen pilaar zou op het bultje staan omdat op die plaats Tsaar Boris III in 1937 naar militaire manoeuvres heeft staan kijken. Tsaar Boris overleed in 1943 toen hij terugvloog uit Berlijn. Bulgarije koos in de tweede, net als in de eerste wereldoorlog de kant van Duitsland. Die keuzes hadden niets met ideologie maar wel alles met geschiedenis te maken. Bulgarije wilde stukken land terug die men eerder in de Balkanoorlogen verloren had. En ze gokten dat ze die stukken eerder van Duitsland zou krijgen. Noord Macedonië hoort bij die stukken land. Bulgarije blokkeert nu nog steeds de toetreding van Noord Macedonië tot de EU. 

Van het één komt het ander. Niets gaat hier ooit echt voorbij.





donderdag 29 september 2022

Huis te koop


Het was misschien een mooi begin van dit stukje geweest als ik iets had zitten neuriën als "our house is a very,very,very fine house. With 4, or 6 or even more cats in the yard". Maar ik neurie zelden. Dus riep ik alleen maar "Hoeveel?" toen Annet de prijs voorlas van een huis dat te koop stond in het dorp. 

In Bulgarije zijn 5257 steden, dorpen en nederzettingen. Er zijn 529 dorpen met minder dan 10 inwoners en in 167 van die 529 dorpen woont helemaal niemand meer. 

Er staan dus een hele hoop huizen leeg. 

Ook in Palamartsa staat nogal wat leeg. Een deel daarvan staat te koop. Van sommige andere leegstaande huizen wordt de tuin nog gebruikt door familie. Weer andere huizen zouden misschien best te koop willen staan maar dan ligt er één familielid dwars, of is onvindbaar. Dan blijft zo'n huis leeg staan en wanneer niemand de belastingen betaalt vervalt het na 5 jaar aan de staat. En de staat doet er verder ook niets mee.

In Bulgarije is er, zover ik weet niet zoiets als Funda. Wanneer je een huis zoekt doe je dat via de winkel, of de rammelende website van een makelaar. Een apart detail is dat een makelaar een huis dat bij een concurrent in de verkoop staat ook gewoon kan proberen te verkopen via zijn winkel of website.

Maar goed, € 65.000,- moest het huis opbrengen dat Annet voorbij zag komen. Zo'n bedrag, dat hadden we hier nog nooit gezien of gehoord. Ik doe even een foto van het huis.

Websites van makelaars zijn fantastisch om een zeldzame regenachtige ochtend mee door te komen. Bij de, vaak overvloedige hoeveelheid foto's zitten er altijd wel een paar waarvan het volstrekt onduidelijk is wat er op staat. Foto's van half instortende schuren, of de verspinnenwebte hoeken van zo'n schuur zijn ook populair. Onduidelijk is ook bijna altijd waar het huis precies staat. 

De teksten op de websites zijn soms wat, optimistisch. Zo staat er bij een huis in Lyuben (groot huis, €7.500,-) dat er asfaltwegen zijn die het dorp met de buitenwereld verbinden. We reden er toevallig laatst en vonden, na het controleren of de vullingen in mijn tanden er niet uit waren getrild  toen serieus dat een 4wheeldrive, een heel stevige toch wel erg verstandig zou zijn.

Er worden hier best wat huizen verkocht. Het meest aan buitenlanders. Die gaan dan driftig aan het timmeren en doen ingewikkelde dingen met cement. Soms komt het huis af maar sommigen stoppen er na een jaar of wat ook weer mee. Vaak liep ik langs een huis waarin door Engelsen druk werd geklust. Nu staat het te koop. Voor € 22.000,- 

Soms, als er op de radio iets over huizenprijzen in Nederland voorbij komt glimlachen we wat. Voor de prijs van een fors huis in Nederland koop je hier waarschijnlijk een heel dorp. En hier krijg je ook nog eens vrijwel altijd een leuke poes bij je gekochte huis (kijk maar op de foto aan het begin van dit stukje). 

Is dit een aanprijzing om een huis te kopen in Bulgarije? Misschien. Het leven is hier een stuk eenvoudiger en stiller dan in Nederland. Al moet je daar wel tegen kunnen natuurlijk. En ik wil benadrukken dat er naast Palamartsa nog 5256 andere steden, dorpen of nederzettingen in Bulgarije zijn.






maandag 19 september 2022

Verschillen

Het lag er opeens. Zo'n twee weken terug. Vlak naast het huis van Stefka, de mevrouw van het winkeltje die aan de overkant van het veld voor onze poort woont. Een hoop eerder gebruikt asfalt. 

Leven in Bulgarije begint te wennen. Er is geen knappe pot pindakaas te koop. De kaas is smakeloos en de wegen belabberd. Maar andere dingen beginnen te wennen. Dus schrijf ik ze nu maar op. Voor ze echt gewoon zijn geworden.

Één maal per maand wordt er hard op de poort gebonsd. Er staat dan een vrij enorme meneer. Zijn komst wordt aangekondigd in de Facebookgroep die het dorp heeft. De enorme meneer loopt mee het huis in, wurmt zich met moeite onder een bureau en neemt dan de waterstand op. Wat dagen later verschijnt er een onduidelijk bericht in mijn mailbox. Dat is het signaal om naar de mevrouw van de post te gaan, ons waternummer te noemen en te horen wat we moeten betalen. Elke maand. De elektriciteitsmeter hangt op straat (lang terug hing die in de huizen maar er werd teveel mee gerotzooid) en wordt op afstand elke maand afgelezen. Die, alweer maandelijkse rekening kan ik via de website van onze Bulgaarse bank betalen. Al is die website zo geheimzinnig dat ik na afloop altijd een kwartiertje bij moet komen. 

Gescheiden afval bestaat niet in onze gemeente. Er is één container in onze buurt en daar gooit iedereen zijn vuilnis in. In het ophaalschema hebben we nog geen enkele logica kunnen ontdekken, hoogstens dat de container altijd al overvol is voor de vuilniswagen komt. Grof vuil kennen ze hier niet. Nou ja, er is grof vuil zat maar er is geen plek waar je het kwijt kunt. Tuinafval, maar helaas ook plastic en andere zooi wordt vaak in de tuin verbrandt. En een oude, kapotte koelkast kan best achter het schuurtje staan. Of als onderdeel van een kippenhok dienen.

Bulgarije heeft nog niet echt een interneteconomie. Je kunt, als je volhardt best dingen kopen via het internet (en dat is heel handig want karton, wol je kunt het hier nergens kopen) al moet je je dan wel door schimmige websites met onverklaarbare invulvelden heen werken. Heel vaak wordt je, nadat je iets besteld hebt gebeld door de leverancier. Om te checken of je het echt wel besteld hebt. Je bestelling wordt vrijwel nooit aan huis afgeleverd. Je kunt het ophalen bij het kantoor van een vervoersdienst. Dat was even wennen maar het is eigenlijk erg handig. Niks niet meer thuis wachten op iemand die altijd te laat is. In het kantoor van vervoerder Ekont is zelfs een hokje om gekochte kleding te passen. Heel soms wordt een pakje thuis afgeleverd. Vrijwel nooit kan de bestuurder ons adres dan vinden. Gelukkig weet de burgemeester waar we wonen, hij rijdt dan even als gids mee.

In Den Helder struikelde je over de opticiens. Je liep er naar binnen en elke aanwezige stagiaire mat je ogen op. Klaar. Hier zijn wel opticiens maar het laten opmeten van je ogen is nog een heel ding. Nu ik de poezen steeds meer als vage vlekken ergens in de tuin zie zitten leek het me handig mijn ogen eens te laten controleren. Maar er was bij de brillenwinkel nooit iemand aanwezig die dat kon, "Doctor comes thursday. Or friday. Or saturday". Onlangs lukte het om tegelijk met de "doctor" in de winkel te zijn. De "doctor" zag er gelukkig uit alsof hij zo van het strand kwam. Het was een gematigd vrolijke man die bij elke wisseling van de glaasjes in de prachtig ouderwetse proefopstelling op mijn neus "ok" zei. Na heel veel ok's moest ik met het resultaat 5 minuten door de winkel lopen om te zien of ik niet omviel dan wel plotselinge gigantische hoofdpijn zou krijgen. Toen dat niet zo was en ik ook niet viel werden de glazen besteld. Ze bellen als ze er zijn. 

De hoop eerder gebruikt asfalt uit het begin van dit stukje komt uit Popovo, de stad in de buurt. Daar worden straten opnieuw geasfalteerd. Het dorp kreeg het afschraapsel. De hoop lag eerder levensgevaarlijk precies in het midden van de afslag naar het dorpsplein. Het asfalt wordt in gaten in de weg gegooid. En dat is het. De auto's die er overheen rijden duwen het dan aan. De hoop is niet hoog genoeg om alle aanwezige gaten te dichten. En de regen en de vorst duwen het tweedehands asfalt ook weer uit de gaten. Maar het is iets. Denk ik.



 

woensdag 7 september 2022

Het optreden

"Ik denk dat we wel heen moeten gaan hoor. Aneta vond het niet leuk dat er de vorige keer zo weinig mensen waren gekomen. Dus we gaan maar even kijken".

Op mijn telefoon staat de Songkick app. Het is een reuze handige app. Je kunt er bandjes mee selecteren, van jazz tot harde house en je kunt plaatsen aanvinken. De app stuurt je dan een berichtje als één van je geselecteerde bandjes/artiesten of weet ik wat in één van de geselecteerde plaatsen op komt treden. Toen we een paar weken in Bulgarije woonden heb ik een idioot lange rij namen aangevinkt, plus een hele berg plaatsnamen in dit land. En sinds dat moment heeft de app nooit meer een geluidje of ander signaal gegeven.

In Nederland gingen Annet en ik met grote regelmaat naar muziek kijken. Het was daar meer de vraag wat we gingen zien en wat we deze keer zouden laten zitten dan of we iets gingen kijken. We hadden favoriete stoelnummers in het Bimhuis (ja, die kende ik uit mijn hoofd) en in Paradiso stonden twee denkbeeldige kruisjes op de vloer, daar stonden we.

Maar hier, het wil maar niet lukken. Ik zou van hardrock of hoe dat precies tegenwoordig heet kunnen gaan houden, dan is er zat te doen. En we kunnen altijd nog eind november naar Andre Rieux in Sofia maar verder, nee, niks of in het Bulgaars nishto. 

Dus misschien dat het door ook dat gebrek aan levende muziek kwam dat we naar Sadina reden. Daar zou het koor(tje) van de pensonerski's klup optreden op een festival met nog heel erg veel meer andere zanggroepen.

Sadina, daar woonden volgens de overleveringen een aantal Belgen. En ik heb wel eens gehoord dat die onderling ruzie zouden hebben gekregen. Maar dat is waarschijnlijk meer iets dat ik zelf verzonnen heb. Het plaatsje leek op elk ander dorp hier. Een beetje asfalt in het centrum, een standbeeld van een onbekende Bulgaarse held en wat leegstaande oud communistische architectuur.

Het festival was op een mooi, goed onderhouden plein. Er stond net een koor te zingen toen we aankwamen. Het waren voornamelijk oudere zangers. En de bezoekers waren ook best op leeftijd. Het koor van de pensionerski's club uit Palamartsa bestond uit een vrouw of vier en een man of twee. En er was een mevrouw met een strijkinstrument dat waarschijnlijk mooi klinkt als je herder bent en verder alleen schapen ziet. Het koor zong een liedje of drie. Daarna deden de mannen (waaronder aardige buurman Dancho) er nog twee en toen was er een toegift van één mevrouw terwijl de rest een leuk dansje deed. En toen was het af. 

Er kwam onmiddellijk een nieuw koor op en toen we naar de auto liepen stopte er een busje waar alweer een koor uitrolde. Zingen, klederdracht, folkloristische dansen, het is hier populair. Misschien zegt dat iets over het land maar wat precies, daar ben ik nog niet uit.

We zagen geen Belgen, Sadina is geen bijzonder plaatsje en ik geloof niet dat ik echt een fan ga worden van Bulgaarse volksmuziek. Maar toch, we zijn weer een millimeter verder geïntegreerd. En het is altijd nog leuker dan Andre Rieux.

Annet filmde de toegift. Voor later. En nu.