dinsdag 18 maart 2014
Wit
Het kan aan het moment van de dag gelegen hebben. Het was rond half twaalf, misschien begon de honger te wenken. Maar misschien was het ook wel de hoge "3d printers rulen!" inhoud van het aangehoorde verhaal dat mensen steeds vaker deed kijken op het aan een koordje hangende handige papiertje met aan de ene kant je naam en aan de andere kant het programma.
Weten wie je bent en waar je bent. Ideaal.
Ik was al een paar keer niet naar Bibliotheekplaza geweest. Dan was ik ziek, dan liep er weer iemand op de rails. Ergens.
Zo is er altijd wel weer wat.
Nu heeft er overal en op nog meer plekken al iets gestaan over Bibliotheekplaza. Moet daar dan nog een stukje bij?
Nee.
Niet echt.
Meneer Watson was opbeurend. Bibliotheken zijn niet overbodig, er is een toekomst en we zijn angstwekkend betrouwbaar. Niet lollig, niet sexy maar wel betrouwbaar.
We konden weer uitademen. Misschien ook omdat we niet meer sexy hoefden te zijn.
Er was een futuroloog. Die was wat minder. Misschien omdat 3d printers even leuk zijn maar niet de hele tijd.
Er was een mevrouw van Microsoft. Het rijtje "boys will be boys" voor me riep natuurlijk "Apple" toen ze iets zei als "Wat heb je nog meer nodig?". Dat was flauw. Zeker omdat het rijtje volgens mij iets te maken had met dat eBoekenplatform dat toch op z'n minst hortend en stotend op gang kwam. Ook op Applespullen.
Toen ik luisterde naar een mevrouw die iets vertelde over hoe je je missie (of visie, dat kan ook) in een echt verhaal om kon zetten en wiens manier van praten me angstig aan Arjan Ederveen in het kwadraat deed denken zat ik achter een mevrouw met een hoofddoekje.
En dat is me het meest bijgebleven, van Bibliotheekplaza.
Het was een leuke dag. Met soms boeiende, misschien zelfs inspirerende verhalen.
Heel ontzettend druk was het niet. Maar de mensen die er waren waren aardig.
Iedereen kende elkaar.
En iedereen was ontzettend blank.
donderdag 27 februari 2014
Liam Gallagher en zijn handdoek
Zo'n zes mensen doken op de handdoek. Drie van hen gaven het al vlug op, het was ook lastig grabbelen in de bewegende massa. Drie hielden vol. Twee jongens, één meisje. En ze lieten niet los. Er werd gelachen, en daarna boos en nog bozer gekeken. En niemand gaf op of toe.
Een breedgeschouderde beveiliger hield van achter het hek het fysieke geroezemoes in de gaten. Hij lachte er wel een beetje bij.
Voor Liam met zijn handdoek het podium op kwam zat de sfeer er al in. Een meneer filmde zichzelf terwijl hij luidkeels met "My Generation" van The Who meezong. En hij dirigeerde meteen de rest van de aanwezigen die ook wel wilden zingen.
Je zult Liam Gallagher maar zijn. Zo staan je met Oasis nog voor zalen ter grote van een klein dorp te spelen en zo sta je in een niet uitverkocht Paradiso te doen alsof je net zo "massive" en "epic" bent als vroeger. Tenminste, dat zei hij geloof ik, ergens tussen het vaak uitgesproken "wankers" en "fokkin' wankers". Al waren mijn oren al dichtgeklapt toen hij begon te praatbrabbelen.
Oasis was groot, ooit. En, voor wie het vergeten is of misschien helemaal niet wist, Oasis was de band van Noel en Liam Gallagher. Twee broers, de één kon fijn irritant dreinerig zingen, de ander schreef de liedjes. Maar, na ruzie 3561 verliet Noel Oasis en noemde Liam de band Beady Eye. En daar maakt hij nu liedjes mee. Die leuk, soms goed maar bijna nooit dat geniale, instant "dit is eigenlijk een volkslied" gevoel hebben.
Links van me draaide een flink aangeschoten Engelse meneer rondjes met zijn bovenlichaam. Soms leunde hij vermoeid met zijn hoofd even tegen de brede rug van de jongen voor hem. Maar dat gaf niet, hij had zich toen hij daar kwam staan keurig voorgesteld. Met handen schudden en al.Waarschijnlijk had hij ervaring met aangeschoten zijn, hij bleef tenminste keurig overeind tussen het flink bewegende publiek.
Liam deed ondertussen op podium zijn best om "massive" te zijn, of "epic". En dat lukte aardig al bleef het raar dat hij vrijwel het hele concert met een handdoek in zijn handen stond. Hij boog er rondjes mee, hij slingerde het ding rond en zo af en toe hield hij de handdoek voor het publiek. Meer mensen dan ik kon geloven duwden zich dan naar voren om de handdoek aan te raken.
Tussen deze gekkigheid door speelde de band de laatste cd, wat oudere liedjes van Beady Eye en twee nummer van Oasis. Het dreinde, het golfde en Liam was zijn irritante zelf.
De handdoek waaraan getrokken en gerukt was bleef bij één iemand achter. Door het gespring en geduw kon ik niet ontdekken wie er gewonnen had. Maar er werd breed gelachen. Ik hoop dat het meisje won. En dat ze later gaat trouwen met de jongen die ook die handdoek wilde hebben. Misschien zetten ze op hu trouwkaart dan wel een stukje uit Wonderwall.
Because maybe
You're gonna be the one that saves me
And after all
You're my wonderwall
You're gonna be the one that saves me
And after all
You're my wonderwall
Tegen het eind van de toegift, en door het internet wist iedereen al dat dat "Gimme Shelter" van The Rolling Stones zou zijn, klom Liam over het hek dat het publiek bij het podium weg moest houden. Waren we eerst nog "wankers", nu dook hij tussen ons in en liet zich bevoelen en bejubelen. Toen hij daarmee klaar was ging hij nog een tijdje op de rand van het podium raar staan doen met de microfoon. De band was toen al weg.
Het was een prima optreden, van Beady Eye. Volgende keer gaan we weer. Al was het alleen maar om te zorgen dat Liam Gallagher kan blijven zingen. Want het is of dat, of hij wordt alsnog een psychopatische bankovervaller.
donderdag 6 februari 2014
Blijven zitten
En ik lees een paar dingen.
Wat gemeentelijke nota's, wat beleidsvoornemens van her en der, wat toekomstperspectieven.
Je hebt wel eens van die dagen.
Terwijl m'n ogen over de zinnen strompelen klik ik op de afspeelknop van Spotify. De gratis versie, dus ik negeer de reclame die ik eerst krijg. Dan gaat het verder waar het gister stopte.
When they kick out your front door
How you gonna come?
With your hands on your head
Or on the trigger of your gun
How you gonna come?
With your hands on your head
Or on the trigger of your gun
Terwijl The Clash verder zingt en ik steeds vaker struikel over de hypercorrecte optimistische ombuigtaal denk ik vluchtig aan lijn 17.
Het zal ergens in de jaren 80 zijn geweest. Geen woning, geen kroning, dat soort tijden. K, die later C werd en ik zaten in de tram. Lijn 17, op weg van school naar het station.
Ergens bij de Dam stonden we een tijdje stil. Uit het hokje van de bestuurder klonk een blikken stem die met een "daar gaan we weer" gelatenheid in zijn stem liet weten dat er geen trams meer over het Weteringscircuit konden. Vaag hoorden we iets over ME, en rellen.
Ondertussen lees ik over participeren, burgerkracht, noodzakelijkheid, bouwen op wat de burger zelf nog kan, instanties als allerallerlaatste achtervanger.
Hoe verder ik in de teksten kom hoe vaker de woorden "minder" en "afbouwen" vallen.
En ik zoek in de dichtgetimmerde taal naar zinnen als "te optimistische grondpolitiek" en "sorry, het spijt ons, we hebben ons gemeentelijk rijk gerekend en nu dat tegenvalt moeten er voorzieningen weg, maar echt we vinden het ook zonde". Maar ik lees alleen maar over het al bijna obligate verbinden. En dat, hoewel alles minder wordt de kwaliteit zal toenemen.
En ik denk even terug. Aan lijn 17. Aan dat we, na het horen van de plek waar je niet kon komen, vlug bespraken hoe we daar dan zo vlug mogelijk zo dicht mogelijk bij in de buurt konden komen.
En dat we het dan verder wel zouden vinden. En dat we vooral niet moesten blijven zitten. Maar dat we wat moesten gaan doen.
Terwijl ik verder zoek naar het onvindbare "sorry" in de stukken waar instellingen plots als "te duur" in een "veranderde samenleving" worden omschreven en waarin beleid na de rekensom is geformuleerd weet ik ook wel dat gerel nooit iets echt heeft opgelost.
Maar, en dat zal best onterecht weemoedig zijn, in ieder geval was er emotie. Woede, hoe onterecht en fout de stenen misschien ook waren. En boosheid lost niets op. Dat is zo. Maar vriendelijk lachend participerend meegaan in het uitgummende calculatorbeleid ...
Maar, en dat zal best onterecht weemoedig zijn, in ieder geval was er emotie. Woede, hoe onterecht en fout de stenen misschien ook waren. En boosheid lost niets op. Dat is zo. Maar vriendelijk lachend participerend meegaan in het uitgummende calculatorbeleid ...
En, terwijl ik wat regels van het volgende liedje op Spotify meehum, verdring ik het besef dat ik zelf waarschijnlijk ook niet meer uit lijn 17 zou stappen, en dat ik het Weteringscircuit zou mijden.
White riot - I wanna riot
White riot - a riot of my own
White riot - I wanna riot
White riot - a riot of my own
White riot - a riot of my own
White riot - I wanna riot
White riot - a riot of my own
dinsdag 24 december 2013
Jezus kan uit de soepkom
"Maar, heb je dat dan altijd gedaan?".
"Wat?".
"Jezus in een soepkom leggen".
"Ja, altijd, anders was ik bang dat hij stuk ging".
"Ik kan me echt niet herinneren dat je dat vroeger ook deed".
"Jawel hoor. Ik dacht ook altijd dat iedereen dat deed. En dat hij dan op kerstavond in de kribbe werd gelegd. Zo hoort het".
"In 1951. Dus de kerststal is ... nou ja, net zou oud als pa en ik getrouwd zouden zijn geweest als hij ...".
"Maar, waar hebben jullie hem gekocht, toen?".
"In Hilversum, daar zijn we heen gefietst, in november dacht ik. Er was een winkel met kerkdingen. Gut, waar was dat toch? Nou ja, ik heb gehoord dat het allemaal erg veranderd is daar. Maar, daar hebben we hem gekocht. Alles zat in één doos, de hele stal".
"Ik zie geen barst".
"Die moet er zijn hoor. De juffrouw van de kleuterschool vond het zo erg".
"Hadden jullie de stal dan uitgeleend?".
"Ja, en iemand had een beeldje omgestoten. Ze had het toen gelijmd".
"Ik zie echt niks hoor".
"Gek, ik dacht echt dat het de kameel was".
"Misschien was het een schaap? Of de ezel?".
"Zet je de kameel wel achter de stal? Die mag je pas zien met drie koningen hoor".
"Ik ben er best zenuwachtig voor".
"Waarvoor?".
"Voor kerst".
"Waarom dan?".
"Omdat ik denk dat het mijn laatste is".
"Ach, dat denk ik al een jaar of zes of zo".
"Maar er is de laatste tijd altijd wat".
"Zal ik hem er dan maar neerleggen?".
"Wie? Jezus?".
"Ja".
"Ik denk dat het wel kan. Wacht, ik pak de soepkom even".
"Graag".
"Daar is hij weer. Leg jij hem nog maar een keer op z'n plek".
woensdag 11 december 2013
Zitten in de Ziggo Dome
Maar waarom zat je daar dan? Kwam het door je relatietherapeut? Had die iets gezegd als, "Ga nou ook eens met haar mee. Naar iets wat zij leuk vindt". Zat je daarom daar, met je uit de klauwen gelopen lijf ingezakt in een een stoeltje stuurs voor je uit te kijken terwijl je je goede voornemen betreurde?
Misschien kwam het door de zaal. Groot, spatschoon en klinisch. De entree, een brede glazen pui had drie deuren. Daarachter een grote, hel verlichte ruimte.
Het barcodepiepende ingangmeisje bij de rechterdeur zei "U moet de deur hiernaast hebben".
Waarna je in precies dezelfde grote hel verlichte ruimte kwam.
Dacht je misschien dat je naar Andre Rieux ging? En dat die op een plein in Maastricht zou spelen? Kwam het daardoor dat je die witte bontjas aan- en die oversized witte bontmuts ophield? En waarom kunnen jij en je en je al even oversized man niet van te voren beslissen wie er het eerst een rij in gaat zodat je niet 5 minuten hoeft te kletsen terwijl Daniel Lohues zich manmoedig door wat liedjes heenzingt?
Misschien kwam het omdat je moest zitten. Daardoor is er weinig spanning vooraf. Je weet waar je zit. Er is geen gedrang. Je hoeft niet idioot vroeg te komen om vooraan te staan. Je zit waar je zit. En je wacht. Je wacht tot de hal volloopt met mensen die allemaal uit een woonmall met pasen of een nabijgelegen bejaardenhuis lijken te zijn gekomen.
Wat gaat er dan door je heen? Wat doet je besluiten dat je dan, midden in een liedje, terwijl je op rij 6 zit, opstaat? Is je behoefte aan lauw bier zo groot dat het je niet uitmaakt dat de 20 mensen naast je ook allemaal op moeten staan omdat jij je bier nu moet hebben? Maakt het je niet uit dat je dan een paar liedjes gaat missen? Waarom willen zoveel mensen trouwens lauw bier? En waarom willen ze dat dan allemaal weer zittend op hun stoeltje opdrinken?
Misschien kwam het omdat hij twee jaar geleden, in Rotterdam zo heel veel meer daar was. Omdat hij zich toen op sleeptouw liet nemen door zijn eigen liedjes. Omdat er toen magische momenten waren waarvan je wist dat die niet meer terug zouden komen. Omdat hij toen een paar keer de haren in mijn nek overeind zong en de tranen in mijn ogen bracht.
Is je blaas zo zwak dat je, terwijl je op je stoeltje zit, ook weer midden in een rij ergens vooraan, en je zit te kijken naar een concert dat toch gauw 1 euro per minuut kost, is je blaas zo zwak dat je dan tot 3 keer toe, natuurlijk weer midden in liedjes onmiddellijk die rij uit moet? En waarom blijf je dan niet gewoon aan de zijkant staan kijken zodat je niet als een bijziende mol steeds de rijen aflopend loopt te zoeken naar waar je ook alweer zat?
De setlist was aardig. De band speelde strak. De man zong goed.
Van Morrison speelde in de Ziggo Dome.
Maar ik heb hem niet echt gezien.
Misschien kwam het door de zaal. Groot, spatschoon en klinisch. De entree, een brede glazen pui had drie deuren. Daarachter een grote, hel verlichte ruimte.
Het barcodepiepende ingangmeisje bij de rechterdeur zei "U moet de deur hiernaast hebben".
Waarna je in precies dezelfde grote hel verlichte ruimte kwam.
Dacht je misschien dat je naar Andre Rieux ging? En dat die op een plein in Maastricht zou spelen? Kwam het daardoor dat je die witte bontjas aan- en die oversized witte bontmuts ophield? En waarom kunnen jij en je en je al even oversized man niet van te voren beslissen wie er het eerst een rij in gaat zodat je niet 5 minuten hoeft te kletsen terwijl Daniel Lohues zich manmoedig door wat liedjes heenzingt?
Misschien kwam het omdat je moest zitten. Daardoor is er weinig spanning vooraf. Je weet waar je zit. Er is geen gedrang. Je hoeft niet idioot vroeg te komen om vooraan te staan. Je zit waar je zit. En je wacht. Je wacht tot de hal volloopt met mensen die allemaal uit een woonmall met pasen of een nabijgelegen bejaardenhuis lijken te zijn gekomen.
Wat gaat er dan door je heen? Wat doet je besluiten dat je dan, midden in een liedje, terwijl je op rij 6 zit, opstaat? Is je behoefte aan lauw bier zo groot dat het je niet uitmaakt dat de 20 mensen naast je ook allemaal op moeten staan omdat jij je bier nu moet hebben? Maakt het je niet uit dat je dan een paar liedjes gaat missen? Waarom willen zoveel mensen trouwens lauw bier? En waarom willen ze dat dan allemaal weer zittend op hun stoeltje opdrinken?
Misschien kwam het omdat hij twee jaar geleden, in Rotterdam zo heel veel meer daar was. Omdat hij zich toen op sleeptouw liet nemen door zijn eigen liedjes. Omdat er toen magische momenten waren waarvan je wist dat die niet meer terug zouden komen. Omdat hij toen een paar keer de haren in mijn nek overeind zong en de tranen in mijn ogen bracht.
Is je blaas zo zwak dat je, terwijl je op je stoeltje zit, ook weer midden in een rij ergens vooraan, en je zit te kijken naar een concert dat toch gauw 1 euro per minuut kost, is je blaas zo zwak dat je dan tot 3 keer toe, natuurlijk weer midden in liedjes onmiddellijk die rij uit moet? En waarom blijf je dan niet gewoon aan de zijkant staan kijken zodat je niet als een bijziende mol steeds de rijen aflopend loopt te zoeken naar waar je ook alweer zat?
De setlist was aardig. De band speelde strak. De man zong goed.
Van Morrison speelde in de Ziggo Dome.
Maar ik heb hem niet echt gezien.
Abonneren op:
Posts (Atom)



