woensdag 29 november 2017

Welkboek stopt

Ik was me net een weg aan het banen door 'Stad in brand' van Garth Risk Hallberg. En ik schoot al lekker op. Zo af en toe verdwaalde ik nog wat in de cast of thousands die het boek bevolken maar ik had vat op het spinnenweb van plotlijnen. Dickens, ja Charles daar deed dit boek me aan denken, en aan Jay McInnerney, ouderwets en heel modern tegelijk. Daar moest ik iets van zeggen, straks, als ik het uit had en ik de gegevens voor Welkboek in zou gaan vullen.

En net toen ik een fijne eerste zin voor mijn impressie van het boek gevonden had hoorde ik van het stoppen van Welkboek.

Er was al een vooraankondiging van dit stoppen geweest. De Landelijke Inkoopcommissie moest het nog gaan beslissen maar er waren redenen. En zodra er redenen zijn, dan is het eind vaak nabij. Welkboek kostte teveel geld, afgemeten aan de hoeveelheid bezoekers/gebruikers (maar dat is weer een andere discussie) van de dienst. En misschien zou Welkboek wel succesvoller kunnen zijn als het een aparte website was, maar de KB wil juist af van aparte websites dus, ja, gut, tsjee, redenen dus.

En ik ben bevooroordeeld, dat weet ik ook wel. Een paar maal per jaar brengt de postbezorger een boek langs dat ik mag lezen voor Welkboek. Soms, in het geval van 'Stad in brand' dat iets van twee kilo weegt en meer dan 1000 bladzijdes dik is zorgt dat voor enig gezucht maar vrijwel altijd lees ik zo'n onbekend maakt onbemind boek met plezier uit. Daarna tik ik gegevens en ervaringen in en hoop dat er daarna een paar mensen 'mijn' boek, waar ze eerder nog nooit van hoorden gaan lezen. Omdat dat iets moois is van een bibliotheek, dat je dingen tegenkomt waar je nooit eerder van hoorde en die toch iets met je hoofd doen, met wat je vindt of denkt.

Dus ik ben bevooroordeeld.

En de redenen zullen ook allemaal best kloppen. Dat heb je vaak met redenen. Al zijn ze soms moeilijk te checken. Hoeveel Welkboek kost, en hoe die kosten zich verhouden tot andere dingen en daarna weer het gebruik van die dingen, ik heb geen idee. En iets met kosten achterhalen bij de KB is, mij in ieder geval tot nu toe nooit gelukt. En als het beleid is om geen aparte websites te willen, dan is dat beleid, zelf ben ik ook gek op beleid.

Maar, jammer vind ik het wel, Welkboek was een mooie dienst. Vond, vind ik dan. Echte mensen lezen boeken (vrijwillig, maar over vrijwilligers lopen de meningen ook al fors uiteen dus daar zeg ik maar niets over), voeren hun leesgegevens en ervaringen in, andere mensen ... nou ja, dat zei ik al. Mooi is het ontbreken van enig algoritme, echte mensen doen iets en er komt verder geen abstracte formule aan te pas. Al is dat misschien een weinig innovatieve, enigszins ouderwetse mening

Welkboek stopt, klaar. Zonde

Liedje. 'No religion' van de brombeer uit Belfast. Niet omdat het iets met Welkboek te maken heeft. Maar als je een beetje je best doet kun je tijdens het meezingen 'religion' redelijk op de maat vervangen door 'algorithm'*.

*Verdere filosofische overpeinzingen over de mogelijke overeenkomsten tussen 'religion' en 'algorithm' zijn geheel de verantwoordelijkheid van de lezer zelf.

woensdag 22 november 2017

Het telefoonwachtmuziekje van Probiblio

Eerst is er een piano. Blikkerig galmend. De man die piano speelt, het woord pianist gebruiken zou overdreven zijn, moet een dunne coltrui aan hebben en een jasje met van die opgenaaide beschermstukken op de ellebogen. Waarschijnlijk heeft hij een snor. Geen baard, hij is van ver voor de hipstertijd.
Na wat maten komen er violen. Geen echte maar van die dunne synthetische. De man in de coltrui hoeft er slechts afwezig voor op een knopje op de Casio "My first synthesizer" te drukken.

Er zijn belangrijkere dingen. Dat is de pest, er zijn altijd belangrijkere dingen. Maar er moet ook iemand oog hebben voor de pietlutdingen. Dat doe ik dan wel.

Probiblio heeft sinds een paar dagen een nieuwe telefooncentrale. Dat zorgde voor kortstondig  onbereikbaarheidsleed. Maar dat is nu weer voorbij. Dat wel.
Nieuw is namelijk ook dat, wanneer je wordt doorverbonden je plots een telefoonwachtmuziekje in je oren geperst krijgt. Van de man in de dunne coltrui.

Toen ik het telefoonwachtmuziekje voor het eerst hoorde werd ik onmiddellijk teruggevoerd naar een lift in een enorme hotelkolos in Moskou, toen Rusland nog deed alsof het communistisch was. In die lift hoorde je ook van die onbestemde niksklanken. Terwijl je de koolsoep van het diner al kon ruiken.

Over smaak schijn je niet te kunnen twisten. Als dat al zo is dan denk ik dat je dat over wansmaak wel kunt. En het huidige telefoonwachtmuziekje van Probiblio is wansmaak. Pure, en tegelijkertijd onverdunde goedkope wansmaak.

Muziek zegt iets, net als een goedgeschreven zin. Muziek brengt een gevoel over. Wat mij ontgaat is waarom Probiblio op dit moment een bellende klant het gevoel wil geven dat hij/zij op een donkere, regenachtige avond in een uiterst matig en daardoor verder ook uitgestorven Chinees/Indisch restaurant in Slootdorp of Wieringenwerf terecht is gekomen. Want zo'n gevoel van beklemmende, eeuwig aanhoudende uitzichtloosheid overvalt me nu als ik in de wacht sta.
En dat kan toch geen van de marketerende mensen die in Hoofddorp werken een klantenbindende associatie vinden?

Moeiteloos zijn er leukere muziekjes te vinden dan de huidige, van de coltruimeneer. In twee tellen verzin je "Hanging on the telephone" van Blondie, "How come u don't call me anymore?" van Prince of "One phonecall" van Miles Davis. En als je heel creatief wilt zijn maak je een loopje van Ian Curtis die in "Dead souls" 'They keep calling me, keep on calling me' zingt.

Maar dan ga je dus toch over smaak twisten ben ik bang. En dat gaat, zeker in de bibliotheekbranche dan weer eeuwigdurend duren.

Dus is er maar één oplossing. Zet het telefoonwachtmuziekje uit. Alsjeblieft. Verlos mij, en de rest van de bellers van de naargeestige gedachtekronkels die er nu al wachtend dwingend opduiken. En als er om programmeertechnische redenen toch iets moet klinken, doe dan het enige wachtmuziekje dat geen pijn doet. Ik plak het vast hieronder.

vrijdag 9 juni 2017

Iedereen heeft een Glenn nodig


Mishka is rond, wit en lijkt nog het meest op een kleine ijsbeer met de geestelijke gesteldheid van een blije, stuiterende kleuter. Toch noemen we Mishka een hond. Hij komt binnen als hij achter een kat aan zit en aan de deur krabbelt. Onvermoeibaar vrolijk strooit hij zijn hondenaanhankelijkheid in het rond. Tot hij besluit dat hij dat ook nog ergens anders moet doen. Nooit eerder zag ik een ijsbeer galopperen, met na-ijlende stofwolkjes en al.

De vrouw krabbelt het podium op. Ze is oud en zo krom dat ze, zelfs als ze op de wankelende houten stoel zit een wandelstok gebruikt om nog een heel klein beetje rechtop te zitten. In de zaal, met allemaal wankelende stoelen zitten her en der plukjes mensen, veertig, vijftig misschien. Het statige balkon is leeg.
In bijna elk dorp staat zo'n chitaliste, een bibliotheek, een theater en wat gemeenschappelijke ruimtes. Ooit moeten het bloeiende gebouwen zijn geweest. Nu leunen ze vaak tegen het verval aan.
De kromme vrouw begint plots te zingen. Zonder begeleiding. Ik versta niets van wat ze zingt. Net zo goed als ik geen woord versta van wat er de hele avond gezegd en gezongen wordt. Maar je hoeft niets te verstaan om kippenvel te krijgen.

Het slot van de poort draait de verkeerde kant op. Al op dag twee weet ik het driftig te vernielen. Gelukkig is er Glenn. Glenn is Engels, groot, breed en hij heeft bijna net zoveel tatoeages als ik opnames van Dylan. En hij is handig. Iedereen heeft een Glenn nodig.

We zien een man een tak van een boom die langs de weg staat naar beneden buigen om zo bladeren aan zijn vrij enorme geit te voeren. Iets verder zien we een oude man op een nog veel oudere fiets. Het stuur houdt hij vast met één hand. In de andere hand houdt hij een kort plastic koordje, een stukje waslijn lijkt het. Aan de waslijn zit een alweer enorme geit. Soms fietst de man voor, soms loopt de geit harder. Ze knikken nog net niet naar me.

Als het regent rijden we in een uur of twee naar één van de twee vestigingen van Ikea die er in Bulgarije zijn. Het is er heerlijk rustig. We komen er al vlug achter dat je er alleen spullen kunt bestellen. Je moet het dan later op komen halen. We ontdekken dat je ook via het internet kunt bestellen. Dan zet je vinkjes bij wat je wilt hebben, draai je die lijst uit en levert hem in in de winkel. Om het dan allemaal later weer op te halen.
Als de leukste vrouw ter wereld wat noodzakelijke borden uit een kast tilt en probeert af te rekenen wordt ze met een snibbig "Njet, njet!" terechtgewezen. Als we terugrijden nemen we een verkeerde afslag. Bulgarije is best een groot land.

Hoogmoedig lopen we een bos in waar we de, tot nu toe enige gemarkeerde wandeling hebben gevonden. Na een uur of drie formuleren we een nieuwe wet. De wet luidt, "Hoe verder van het beginpunt verwijderd hoe spaarzamer de markeringen". Daarna verdwijnen de markeringen helemaal. We dwalen wat langs boomstammen die plots allemaal op elkaar lijken en we denken aan de jakhalzen die we 's avonds horen, en aan de wolven die er zouden zijn. Het gps signaal leidt ons naar een modderpad en we verlaten het bos via een villa die best van Tony Soprano had kunnen zijn. Drie forse honden blaffen naar ons, ook als we allang uit hun zicht zijn. We besluiten voortaan gemarkeerde wandelingen te mijden.

Wanneer we het dorp uitrijden, op weg naar het vliegveld zien we Mishka langs de kant van de weg zitten. We stoppen en stappen uit. Hij holt op ons af, verspreidt zijn ongegeneerde hondenliefde om daarna weer op een draf verder te gaan.
En het is natuurlijk niet zo, en het ook niet echt gekund. Maar ik had het niet raar gevonden als er ergens muziek had geklonken.

"These are the days of miracle and wonder."

>

donderdag 20 april 2017

Brokkig



Ze wees op de capuchon van de man. Ik knikte. Het leek me een goed idee, veilig ook. De man was tenslotte groot als een gebouw. Geen flat, meer een bunker, één uit de oorlog, brokkig maar onverwoestbaar.

Ooit, heel lang terug, maakte de Jesus and Mary Chain of eigenlijk de broertjes Reid een stel erg fijne liedjes. Voor mij klonken die altijd een beetje als Phil Spector op diazepam of als de Beach Boys. Maar dan wanneer die op de Hebriden hadden gewoond. En teveel speed gebruikten.

Na een aantal platen werden de ruzies van de broers zo heftig dat ze niet meer bij elkaar in de studio wilden zijn als er muziek moest worden opgenomen. Wat bar onhandig is. Maar 18 jaar na hun laatste plaat bleek het creatieve vuur toch niet helemaal gedoofd, of de bodem van de bankrekening kwam angstwekkend in zicht dat kan ook. In ieder geval, er is een nieuwe best aardige cd. En er wordt opgetreden. Gisteravond stond het groepje in Paradiso.

Nou ja, de eerste drie, vier liedjes had er ook een goede coverband op het podium kunnen staan. De hoeveelheid rondgeblazen rook maakte de mannen met telelenzen in ieder geval licht wanhopig. Maar, oh, nu komt er dus echt de zin "nadat de rook was gaan liggen" bleek het toch echt The Jesus and Mary Chain te zijn. Of beter, de broertjes Reid. Want de rest van de groep bleef anoniem. De drummer, die net terug was van een opfriscursus houthakken, kreeg nog iets van belichting maar de bassist en tweede gitarist hadden in al hun onzichtbaarheid ook op band kunnen staan.

Zo'n beetje op driekwart van het optreden begon ik wat weg te dromen bij de vraag hoe relevant het optreden eigenlijk was. De liedjes klonken goed. De gitaar van het ene broertje Reid was fijn en de zingende broer dreinde heerlijk, en ik zag hem zelfs een keer breeduit lachen. Maar hoe relevant is het naadloos herspelen van die oude liedjes? Relevanter dan ome Bob die we alweer oversloegen omdat zitten voor oude mensen is? Relevanter dan het nieuws dat The Bad Plus een andere pianist krijgt?  Relevanter dan een fris bandje als Rolling Blackouts Coastal Fever?

En net toen ik er niet meer uitkwam zag ik in mijn rechterooghoek een been voorbij komen. Een jongen werd door zijn, hopelijk waren het vrienden, richting podium getild. Wat jammerlijk mislukte maar misschien wel het startsein was voor een flinke oefening in pogoën.

De Leukste Vrouw ter Wereld glimlachte breed en liet zich vrolijk meesleuren door de springende meute. Na ruim een liedje stond ze plots weer naast me en maakte duidelijk dat ze twee keer was gevallen, niets gebroken had maar dat er wel een enorm brok kauwgom op haar broek zat. Ze ontdekte de capuchon van de brokkige bunkerman voor ons en gebaarde dat ze zich daar dan wel aan vast ging houden.

Relevant, misschien was het dat niet. Maar misschien doet dat er ook niet altijd toe. Soms is het gewoon fijn om mee te dreinen op een overstuurde gitaar. Of om te vallen tijdens het springen met  brokkige mensen.

woensdag 8 februari 2017

Welk boek?



'Er is weer een boek zo'n boek voor je.'
'Zo'n boek?'
'Zo'n boek dat je moet lezen.'
'Welk boek is het?'
'Wacht even, dan moet ik even de envelop openscheuren.'
'Nou?'
'Rustig, alsof je al niet genoeg boeken hebt zeg.'
'Je kunt er nooit genoeg op voorraad hebben hoor.'
'Jaja, dat zeg je van cd's ook al. Maar, het heet "De woensdagclub" van een Westö.'
'Nooit van gehoord. Leuk.'

Welkboek is zo'n stukje bibliotheekwerk waar je niet zo veel over hoort. Misschien is het ook niet zo super sexy als een landelijke catalogus of iets anders met heel veel afkortingen dat maar niet af wil komen maar waar wel stapels papier over geproduceerd worden die slechts door enkelingen gelezen worden ...

(Je moet eens ophouden met die eindeloze zinnen waar geen eind aan te breien is. Begin eens overnieuw)

Over Welkboek hoor je te weinig.

(Kijk, dat is beter. Lekker kort ook)

Hoewel je in bibliotheken tegenwoordig van alles kunt doen komen er veel mensen nog steeds, of ook om een boek te lenen. Maar welk boek?

Je hebt bezoekers/klanten/leden/burgers/mensen die precies weten wat ze willen lezen, die komen er zelf wel uit. Je hebt mensen die graag met de ogen dicht zomaar een boek uit de kast pakken, ook klaar.
Maar, wat nu als je weet dat je graag boeken leest die in Zuid Amerika spelen, of dat je van heel grappige gewelddadige boeken houdt, wat dan?
Die mensen, of de mensen die hen helpen in de bibliotheek komen met Welkboek een stuk dichter bij een mooie titel van een boek.

Ik denk dat ik een jaar of twee terug mijn eerste Welkboek proeflezersdag had. Een ernstig surrealistische ervaring was dat. Geklemd tussen twee dagen die alleen maar over zwaar bedreigende  bezuinigingen gingen zat ik plots een hele dag te praten over boeken en hoe je gegevens in Welkboek moest plaatsen. Een hele dag!
Maar, lezen voor Welkboek is dan ook een serieuze zaak.
Een paar maal per jaar valt er een willekeurig boek in mijn brievenbus. Het kan van alles zijn. Literatuur, een detective, iets met buitenaards leven (al is dat laatste me tot nu toe gelukkig bespaard gebleven). Dat lees ik dan. En verwerk de kenmerken en andere dingen. Al klinkt dat verdacht simpel.
Ik ken lezers voor Welkboek die midden in de nacht uit bed springen om toch nog een woord of wat te veranderen in de tekst die ze over een boek schreven. Zelf wroet ik met regelmaat wanhopig met handen in mijn haar als ik voor een een gelezen boek een parallel iets zoek.
Ja, lezen voor Welkboek is een serieuze zaak.

Al is dat natuurlijk ook het mooiste van Welkboek. Levende mensen lezen een boek. Ze voeren een impressie in, zoeken een citaat uit, bepalen of en hoe gewelddadig, grappig en nog wat dingen het boek is. Gebruikers van Welkboek kunnen dan met het simpel verschuiven van wat schuifjes op een website hun voorkeuren invullen.

En nergens is er een algoritme te bespeuren!

Klaar. Verpletterend eenvoudig.

Mocht u niet in een bibliotheek werken, gebruik Welkboek als u eens uit uw leesbubbel wil komen. Bijkomende mooiigheid, in Welkboek vindt je boeken die vaak niet zo wereldomvattend bekend zijn.

Mocht u wel in een bibliotheek werken, gebruik Welkboek als hulp bij radeloosmakende vragen als "Heeft u ook een boek dat speelt in een denkbeeldig land, met een vrouwelijke hoofdpersoon die niet ouder is dan 25?"

(Ja, ik heb het uitgeprobeerd)

Welkboek, gebruik het eens wat vaker. Want ook voor deze dienst geldt, als hij niet genoeg gebruikt wordt moet je maar afwachten of hij wel blijft bestaan.

Zo, dat was de promotie, veertien keer Welkboek (15 nu) genoemd in een stukje. Het lijkt wel marketing.

ik ga weer verder met dat boek Westö. Fijn boek, over Finland. Wist u dat er na de eerste wereldoorlog in Finland een burgeroorlog heeft gewoed? 37.000 doden. In Finland!
Alweer iets dat ik niet wist.