"Ik stop hier hoor. Je moet hier een muurtje op en ik heb geen idee hoe dat moet als we terug gaan. Ik ga niet verder". "We moeten na het muurtje een meter of 10 naar links en daar zijn de rotskerken". "Doe jij dat dan maar. Ik ga niet verder". Omdat ik me vasthield aan het stammetje van een boom én niet eens rechtop kon staan leek verdergaan bij nader inzien geen goed idee. Weer een rotskerk die we niet van binnen zouden zien.
In Bulgarije zijn tussen de 160 en 200 rotskerken. Ze zijn zo'n 800 tot 900 jaar oud. Stel je er niet iets al te groots bij voor. De meeste zijn uitgediepte grotten, grotjes is misschien beter, waar een enkele monnik zich terugtrok om zich in stilte aan de aanbidding van God te wijden. In de kalkstenen rotsen langs de Beli Lom rivier vindt je er een hele hoop. Kalksteen is relatief zacht en daardoor makkelijk weg te hakken of te bewerken. Bij Ivanovo zijn de beroemdste. Er is er daar één waarvan de schilderingen nog helemaal bewaard zijn gebleven. Busladingen toeristen komen er naar kijken.Hoewel ik mijn hele leven al gruwelijke hoogtevrees heb vind ik altijd wel een reden om dat te vergeten. Het woord rotskerken bijvoorbeeld. Het is zo'n onschuldig woord, bereikbaar zelfs. Terwijl het belangrijkste deel om te onthouden van het woord rotskerken rots is. Vrijwel alle rotskerken bevinden zich hoog in verticale rotsen. Slechts bij hoge uitzondering zijn er in latere tijden trappen naar toe gemaakt.
Afgelopen weekend, het laatste weekend van de zomer reden we naar Cherven. Cherven heeft een bekende kasteelruïne bovenop een fotogenieke rots. En een stel rotskerken. We zouden er twee gaan bekijken.
De eerste, die Moskov Dol heet, ach, we liepen er zo heen. Nou ja, we liepen naar de brug die je over moet als je Moskov Dol wilt zien. Alleen was er een boom op die brug gevallen. Er was nog een stukje brug over. Maar een stukje brug is ook zo weinig.
Golyam Raj (het grote paradijs) lag een heel stuk verder. Maar, wel liepen er vrolijk in de zomerige zon heen. Een noodzakelijke brug was nog helemaal heel en we volgden een voor Bulgaarse begrippen voortreffelijk aangegeven route. Het bos was mooi, het pad duidelijk. Alleen was de blauw witte bewegwijzering na een half uur wel erg schaars aanwezig. Na wat fout geloop vonden we het bordje met Golyam Raj. Het was die kant op. Het zanderige pad liep erg schuin, heel erg omhoog. En het was dat de bomen en struiken die er stonden het zicht op de diepte wat wegnamen anders waren we meteen al omgedraaid. Nu liepen we, scheldend op naar stilte zoekende geestelijken recht tegen een berg op. Echt, Bulgarije is nu al een stil land. Hoe druk kan het 800 jaar geleden zijn geweest? Uitslovers waren het, excentriekelingen ook. Na een tijdje omhoog lopen stonden we zo schuin dat ik maar op mijn knieën verder ben gaan kruipen. Tot we bij het muurtje uit het begin kwamen. Daar stopten we. We bromden wat, we scholden wat en daarna gleden we beiden op onze achterwerken, ons ondertussen vasthoudend aan takken en andere afbrekend groen weer naar beneden.
We liepen het hele eind weer terug naar de auto. De zon scheen, de omgeving was verpletterend mooi. Het was het perfect moment om Dylan's "There is no succes like failure, and failure's no succes at all" te neuriën, maar dat bedacht ik me pas na afloop. We negeerden ons eerdere voornemen om toch over de kapotte brug naar Moskov Dol te gaan. Bij het krakkemikkige restaurant in het begin zaten ondertussen een zwik Roemeense wielrenners luidruchtig te zijn en ik zocht ondertussen naar een mooie zin om deze oprecht prachtige dag mee af te sluiten.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten