zaterdag 26 september 2026

Een beeld in een bocht


Omdat het weekend was, mooi weer én het jachtseizoen hoorbaar was losgebarsten reden we naar het vreemdste, en "mooiste" communistische monument dat we hier kennen. 

Het monument staat tussen de dorpen Vinograd en Dryanovets. In het redelijke lege niets. Het is maar goed ook dat het daar leeg en nietserig is want de weg (niet het deel op de foto, dat is keurig) is zo slecht dat bestuurder en meerijder beurtelings redelijk hysterisch "Gat, daar links" "Rechts is er ook een krater" roepen. Gelukkig was de auto net goed nagekeken.

De monumenten die door de communisten zijn gebouwd en die er nog staan hebben bijna allemaal iets met de partizanenstrijd van 1941 tot en met 1944 te maken. Er zijn de monumenten voor een bepaald iemand, of een groep iemanden. Er zijn de vrij grote "De oorlog is voorbij en wij hebben gewonnen!" monumenten. Die lijken allemaal op elkaar. In het midden een hoge zuil met daarop 1. een mannelijke partizaan 2. een mannelijke en een vrouwelijke partizaan of 3. een sovjet soldaat. Links van de zuil een groot paneel met "de strijd" van de partizanen en rechts de overwinning met de thuiskomst van de partizanen, blije vrouwen en kinderen en wat goed gebouwde sovjet soldaten. En dan zijn er daarnaast nog de monumenten voor een gebeurtenis. Een overval, een hinderlaag. Dat soort dingen.

De tekst op het vrij forse monument is volgens Translate:

TIJDENS DE GEWAPENDE STRIJD TEGEN HET FASCISME EN HET KAPITALISME VAN 1941-1944 LOPEN DE PADEN VAN DE VOLKSPARTIZANEN UIT DE PARTIZANENREGIO GORNOYAHOR DOOR DE VELDEN EN BOSSEN IN DE BUURT VAN DE DORPEN DRYANORETS EN VINOGRAD.

Een monument voor een plek waar eigenlijk niets gebeurde. Er werd niet gevochten. Er werd niet geschoten. Er werd langsheen gelopen. Ik vond en vind het prachtig. Vier meter hoog, waarschijnlijk ooit hard rood, in het midden van de stille leegte.

Maar er is natuurlijk wel een verhaal. Al is de mythe lastig van wat er echt gebeurde te scheiden. Poging.

Voor 1940 had Bulgarije al een redelijk militaristische/fascistische regering. Dat werd niet beter toen Bulgarije bondgenoot van Duitsland werd. Er kwam een vorm van binnenlands verzet op maar dat begon pas in 1941 iets voor te stellen. Duitsland viel toen de Sovjet Unie binnen en maakte daarmee een eind aan de verdragen die er tussen Duitsland en de Sovjet Unie bestonden. Streng georganiseerde communisten trokken, zoals dat hier heet, de bergen, heuvels en bossen in. De partizanenstrijd kon beginnen.

Gorna Oryahovitsa is een redelijk grote plaats in een platte vlakte. Het is geen mooie plaats maar er is wel een belangrijk spoorknooppunt. Omdat je er je nauwelijks schuil kunt houden deden partizanen dat in de heuvels en bossen rond de vlakte. De partizanen leefden er onder armoedige en slechte omstandigheden in schuilhutten. Voedsel werd verzorgd door helpers (zogenaamde jataks wat weer is afgeleid van het Turkse woord voor bed of schuilpaats) die in de dorpen woonden. 

De Gorna Oryahovitsa groep begon met 13 man en was, op zijn hoogtepunt 100 man groot. De groep viel politieposten aan, er waren aanslagen en een enkele maal werd geprobeerd een trein te laten ontsporen. Hoe succesvol dat allemaal was is nauwelijks nog te achterhalen. De mythevorming/bewerking van de geschiedenis na de oorlog is te groot en te succesvol geweest.

Van de groep werden in juni 1944 28 mensen gedood in een langdurig gevecht bij Strazitsha. Op die plek werd in 1976 een enorm monument gebouwd. Nu is dat monument bijna helemaal opgegeten door struiken en bomen.

Na september 1944, toen de Sovjet Unie Bulgarije "bevrijdde" namen de partizanen als een geoliede machine de macht in dorpen en steden over. Ex partizanen, en toen die begonnen uit te sterven hun kinderen hebben het jarenlang voor het zeggen gehad in Bulgarije. Wat geen onverdeeld succes was. Partizanen kwamen vaak uit dorpen op het platteland en hadden nauwelijks een opleiding. Zestig procent van de mensen met een kaderfunctie na de oorlog had slechts een lagere schoolopleiding. 

Wanneer het monument tussen Vinograd en Dryanovets werd neergezet is (tot nu toe) nergens terug te vinden. Wel kwam ik tegen dat er elk jaar door schoolklassen een bezoek aan het monument werd gebracht. Er werden dan bloemen gelegd en liedjes gezongen. Oud partizanen en jataks vertelden dan de verhalen zoals ze vonden dat die gebeurd waren.

In het jaar dat wij niet bij het monument waren geweest was er niets veranderd. Nou ja, er was een struik voor het monument omhoog geschoten. Maar verder. Het was er warm. Het was er doodstil. En ondanks de verwarrende geschiedenis vond en vind ik het nog steeds erg mooi.

(Voor wie meer wil weten over het communisme in Bulgarije is er Bulgaria under communism. Znepolski et al, 2018)

zaterdag 19 september 2026

Buurt

 


Ik heb de buurt waar we wonen al eens gedaan. Maar misschien zijn er dingen vergeten. En nu heb ik er een kaartje bijgemaakt. Voor de duidelijkheid. Of zoiets.

1. Stefka heeft een, of beter, het winkeltje in het centrum. Je kunt er brood, beleg en andere dingen kopen. De andere dingen zijn voornamelijk bier. Dat drink je dan op op het "terras". Er staan " om terras omdat het pand waar haar winkeltje zit uit 1969 komt en daar werd neergezet met hulp van een streng communistische architect. Strak (ooit) maar nu toch wat vervallen. Gedempt grafzerkerig. Maar haar winkeltje ziet er best goed uit. Laatst heeft ze zelfs een nieuw zitje in de winkel gezet. De vrouwen zitten in het zitje. De mannen op het "terras". De winkel gaat open rond 7.00 uur. Sluit om 12.00 en gaat dan van 16.00 tot 18.00 uur weer open. Stefka zal tegen de 70 lopen maar gaat nog wel een tijdje door. En, om het toch weer even over de poezen te laten gaan, Gijs en Lenie werden bij Stefka geboren. 

2. Onduidelijke schuur waarvan ik niet weet van wie die is.

3. Huis van Steff en Darren. Hun 2e huis in Palamartsa. Sinds we hier 5 jaar terug kwamen wonen werd er door eerst twee en later één Bulgaar aan het huis gewerkt (de twee kregen onderling ruzie, toen was er nog maar één). Steff en Darren werkten alle twee in het onderwijs op Engelse scholen in het buitenland. Steff in Armenië, Darren in Kazachstan. Steff is nu met pensioen en Darren kwam in Kazachstan een veel jongere lokale vrouw tegen. Het huis staat nu te koop voor iets rond de €80.000,-. Maar ook na minstens 5 jaar knutselen moet er nog wel wat aan gebeuren.

4. Bouwval die "The cozy cottage" heet. Maar die naam is gewoon een zwak verkooptrucje. Er hebben een half jaar Engelsen in gewoond. Zij zwaaide nog wel eens maar hij was een nurkse chemtrails gelovige. Niks zei hij. In het half jaar werd er hier en daar wat verbouwd maar dat mag verder geen naam hebben. O ja, en ze hadden een enorme hond. Die lieten ze af en toe buiten los lopen. We hebben hem een keer gevangen en terug binnen hun muren gezet. Wat een kolerezooi was het daar zeg. Foei.

5. Als je naar rechts afslaat vlak voor "The cozy cottage" en een stukje doorloopt kom je bij het huis van Katja. Katja is een, laten we het houden op eigenaardige vrouw. Misschien is "met veel karakter" ook wel iets. Ze is aardig hoor maar van haar dialect begrijp ik maar her en der een woord. Ze had al gauw ruzie met the cozy cottage Engelsen. Ze was bang voor de enorme loslopende hond en ze vond het busje van chemtrails man ook maar niets. Om het busje te dwarsbomen legde ze dikke takken op de weg. Ja, met Katja kun je maar beter geen ruzie maken. En waarom zou je ook.

6. Naast Katja woont Znea (die anders heet maar het klinkt als Znea). Of beter is "woont soms". Meestal woont ze in Veliko Tarnovo, een grote stad anderhalf uur verder. Over Znea weet ik verder niets. Toen ze naar VT verhuisde liet ze doodgemoedereerd haar poezen achter. De t(%^^$#@#)! Wilma komt bij Znea vandaan. En misschien Anneke ook. 

7. Weer de hoek om. Daar wonen Jordan en Duschka. De buren die nu nog steeds in Sofia zijn. Met Jordan gaat het iets beter maar het is allemaal maar marginaal. De tuin is klaar. Het is stil. Alleen de kippen tokken nog. En leggen weer twee eieren per dag.

8. Wij

9. Petar, de deeltijdbuurman. Ons huis was ooit van hem maar hij verkocht het aan de vorige eigenaar. Is er soms en maakt dan Rakia. Hij proeft het ook met regelmaat. Heeft de meest overdreven blinkend schone auto die ik ooit zag. Praat apart Bulgaars en vindt ons maar rare buitenlanders. Maar, na een paar jaar wennen aan elkaar gaat het al wat beter met de verstandhouding. Lenie woont daar als Petar er is. Behalve als ze honger heeft. Of aandacht wil.

10. Het huis van Nicolai. Nicolai was net overleden toen wij hier kwamen wonen. Maar we kenden hem van daarvoor, toen we alleen nog maar op vakantie kwamen. Hij was gek op poezen. Gijs en Lenie verhuisden van Stefka naar hem. Het huis stond een paar jaar leeg maar het wordt nu verbouwd voor zijn dochter die in Popovo woont en het (misschien/hopelijk) als zomerhuis gaat gebruiken. Ze kan er ook permanent gaan wonen maar dan neemt ze vast een enorme hond mee en dat vinden de poezen nu al niks. Het puin van de verbouwing wordt op het veldje voor het huis gegooid. Deze week stak de gemeente daar de brand in. Om het goed te laten branden kwamen er ook nog wat autobanden bij. Maar ja, alles beter dan dat het, zoals helaas hier gebruikelijk weer ergens in de natuur wordt geflikkerd. 

zondag 13 september 2026

Over afvoerpijpen, poezen, auto's en kortsluiting.

Zondagochtend. Zeven uur. Buiten regende het weer eens ouderwets bijbels. Binnen bedelde Steve om blokjes kaas en bekeken we de week die was.

De afvoerpijp van het toilet/de douche begon te lekken. We kochten kit en nadat die niets deed kochten we andere. De nieuwe tweedehands auto had zoveel miljoen kilometer gereden en moest onderhouden worden. Er bleek een scheur in een band te zitten en een schokbreker was kapot. Onderdelen van een Audi bleken erg prijzig. Maar, het was toch vooral de week van poes Anneke.

Anneke eet bij ons, slaapt op de stoelen, speelt vaak mee en in ieder geval stoeit ze met Sorri. Maar er was iets met haar. Ze was stiller. At weinig. En toen verdween ze. Twee dagen was ze weg. We zagen haar nergens. Reageerde niet op roepen. Weg was ze. Ik was eigenlijk bang dat ik weer een stukje moest gaan schrijven dat erg slecht afliep. Tot ze, na twee dagen zwakjes en aarzelend weer opdook. De dierenarts keek haar en haar bloed na. Niets. Voor de zekerheid wat spuitjes erin. Afwachten maar.

Toen we één van die onderwerpen nog eens wilden doorspreken kwam er plots een geluid van boven. Een soort sidderen, knetteren, en nog een keer. En toen was er geen stroom meer.

Nu valt de stroom hier vaker uit. Dit is tenslotte Bulgarije. Maar dat knetteren hadden we niet eerder. Dat hoorde niet. Annet belde het noodnummer van het elektriciteitsbedrijf Energo Pro en werkte zich bewonderenswaardig knap door een Bulgaars keuzemenu en levende vragen heen. De mevrouw zou een mannetje langs sturen. Het mannetje belde wat later. Als het binnen in ons huis was deed hij niets. Vraag maar aan de buren of die stroom hebben. Natuurlijk hadden die stroom. Dan doen wij niets.

Omdat toeval niet bestaat was dit de dag dat Dimitar, de schoonzoon van Jordan en Duschka de laatste kwam halen om haar mee te nemen naar Sofia. Dimitar is militair, erg aardig, perfect in het Engels en erg behulpzaam. En hij weet erg veel van stroom. Hij verdween langdurig naar de zolder van ons huis en ging daarna buiten kijken. Er bleek een tak van een boom, nou ja, de bladeren daarvan tegen iets van de stroom aan te zitten. Ach weet ik het. Ik kan best een goed gesprek voeren over het werk van Jan Schoonhoven maar zodra er iets van praktische waarde moet, nee, niet echt. 

In ieder geval. Wat erg ontbrak was een ladder die lang genoeg was om het geconstateerde probleem op te lossen. En echt, toeval bestaat echt niet, precies op dat moment reed er een auto van de Energo Pro langs. Met twee grote stoere mannen erin. En lange ladders op het dak. Dimitar hield de auto aan, kletste wat, een man schudde van "ja" (wat hier "nee" betekent)(ja, echt) maar Dimitar hield vol en ok, vooruit dan maar, de mannen stapten uit sjorden met ladders en verhielpen, terwijl ze dat helemaal niet hoefden te doen het probleem. En er was stroom. Voor we de mannen zelfs maar echt konden bedanken reden ze alweer weg.

Het is allemaal niet wereldschokkend, dat weet ik ook wel. Maar het was erg fijn, en mooi ook, dat een paar mensen een tijdje in de stromende regen iets deden zonder dat ze dat hoefden te doen. Of er verder nog wijze lessen in het verhaal zitten, daar denk ik nog over.

Toen ik later mijn drijfnat geregende overhemd op de slaapkamer ging omwisselen vond ik Anneke daar. Tevreden slapen op het dekbed. Misschien komt alles, of in ieder geval het belangrijkste weer goed.

 

vrijdag 4 september 2026

Over kippen en paprika's.

In Bulgarije zijn zo'n 15 miljoen kippen (in Nederland zijn dat er 88 miljoen, het is me wat met die voedselzekerheid). Tussen de 300.000 en 600.000 zijn hobbykippen. Wij wonen naast 5 van die hobbykippen. 

We zorgen nu al een paar weken voor de tuin van de buren. Bij die tuin horen ook vijf kippen. Maar ik kon me er niet toe zetten om ze in meer dan wat bijzinnen te noemen. Hun leven was te treurig.

Veel mensen in het dorp hebben kippen. En omdat er rond het dorp veel vossen zijn wonen die kippen vaak in solide hokken. Omdat je een vos nooit moet onderschatten hebben de meeste kippeneigenaren een hond. En omdat één hond geen hond is zijn het er vaak twee, of drie, of zes. Maar dat is weer een ander probleem.

Buurman Jordan had ook een hond. Bobby, een venijnige kniehapper die helaas een jaar geleden plots dood in zijn hok lag. Bobby had een best hondenleven. Hij lag niet, zoals de meeste honden hier, permanent aan een ketting maar liep met buurman Jordan mee naar het dorp. Als hij het daar allemaal te lang vond duren liep hij zelf terug. Maar, ergens in het voorjaar, toen Bobby er al niet meer was, sprong er een vos op en daarna van het dak, pakte een kip en weg was hij. Jordan bracht de kippen daarna onder in een, ja, gut, een soort lage, krappe kooi. Het was geen gezicht. En het moet voor de kippen hels gevoeld hebben. Ze begonnen er bar slecht uit te zien en eieren leggen deden ze ook al niet meer. Zelf drukte ik de kippen maar naar de uiterste zijkant van mijn waarneming.

Afgelopen week verzon Annet plots een oplossing. We kopen kippengaas, spannen dat over de lengte van het hok van de kippen, klaar. Een vos zou zich wel twee maal bedenken voor hij over het gaas sprong. 

Die zinnen schrijf je zo op. De uitwerking was toch iets anders. Eerst kochten we kippengaas bij DuDo. Dat is een grote bouwmarkt (het beeld dat je nu in je hoofd hebt klopt niet). Na erg lang zoeken vonden we rollen kippengaas. We liepen terug naar een kassa en betaalden daar het gaas. We kregen een briefje mee dat we aan een ernstig omvangrijke man gaven, die bekeek het briefje langdurig (terwijl hij ons 5 minuten geleden nog even langdurig de verschillende gaassoorten had uitgelegd) en daarna mochten we het kippengaas meenemen.

Ik zou het proces kunnen beschrijven dat daarna volgde maar dat ben ik een beetje kwijtgeraakt. Er ging nogal wat fout. Er wankelde trappen. Er ontbraken punten om het gaas aan vast te maken. Er vielen woorden. Hier een woord, daar nog één. Laten we het verder niet bespreken. Maar, na een paar uur liep er over het kippenhok iets dat je een redelijk strakgespannen band van kippengaas zou kunnen noemen.

Afgelopen week kwam Duschka, de vrouw van buurman Jordan, een paar dagen terug uit Sofia. Ze kwam de zoveelste lading tomaten en paprika's verwerken. Ook dat schrijf je zo op. Maar de uitwerking, eindeloos is een aardig woord. 

Mocht je nog paprika's willen hebben, er zijn er nog wel wat over.

Duschka bekeek onze verse kippenbeschermingsblokkade. Ze moest er een beetje om grinniken. Maar, ze had toch niet echt iets met de kippen, dat was meer iets van buurman Jordan. Al zou die er, als hij van het gaas hoorde ook vast om moeten lachen. Hoe ziek hij ook is.

We dreven de kippen van hun bedompte legbatterij naar hun nu beschermde hok. Ze stribbelde erg tegen. Dwarskippen. Maar genoten daarna enorm van hun hernwonnen ruimte. Het was een hoop gedoe. En het is klein, misschien wel minuscuul nieuws. Maar wij, en zeker de kippen, werden er toch enorm blij van. 

vrijdag 28 augustus 2026

Bosjes, al dan niet heilig

Ik heb het denk ik al eens eerder opgeschreven. Wie hier, waar geen vvv's, informatieve borden of lollige publieksreclames zijn, iets nieuws wil zien is aangewezen op goed geluk, of Google Maps. Menig uur breng ik door met turen naar weggetjes of stukjes bos. En soms vind je iets.

Bij het wat armoedige dorp Gloginka, vlak na Popovo vond ik een heel complex van loodsen en schuren. Een heel bosje vol. Omdat loodsen en schuren vaak vergezeld worden van boosaardige honden stelde ik het bezoeken een tijdje uit maar, nou ja, ze stonden er. Er was geen auto te zien, en er was ook geen vuilnis waarneembaar. Het zag er, in al zijn verlatenheid eigenlijk nogal netjes uit. Raar. Maar het stond vast leeg. En die honden zouden vast aan een ketting zitten.

Laatste reden we er heen. Natuurlijk was de weg weer vreselijk. En waarom er zwaar verroeste borden met "Bewaakte zone" langs de weg stonden ontging me. Na een tijd hutsen en klutsen doemde de eerste gebouwen op. En een erg dicht hek. Hek? Wat moest dat hek daar? Het was een vervaarlijk hek. Ééntje dat niet graag open ging. Om toch iets te doen stapte ik uit en ging voor het hek omstandig foto's staan maken. Hier een foto, daar nog één. Annet, nog steeds beducht voor honden bleef ondertussen in de auto zitten. Toen ik daar, wat narrig vanwege het niet verder kunnen, instapte kwamen er plots aan de andere kant van het hek wat militairen onze kant op. Sorry, militairen? Wat lacherig stapten we weer uit en liepen vriendelijk lachend naar hen toe. Ze lachten niet vriendelijk terug. In gebroken maar duidelijk Engels werd ons verteld dat er op die plek niets was, en dat we er trouwens ook niets te zoeken hadden. 

Terwijl we weer in de auto gingen zitten fotografeerde één van de mannen de auto, en ons, overdreven uitgebreid vonden wij. Maar dat zeiden we maar niet. Stilletjes reden we weg. Net buiten het bos zagen we drie ijsvogels. Ik heb nog nooit van mijn leven een ijsvogel gezien. Laat staan drie. Het zal een troostprijs zijn geweest.

De weg naar Baba Kondu komt door een stuk of wat dorpen. In het ene dorp lagen allemaal poezen langs en op de weg. En in een volgend dorp alleen maar honden. Het zal toeval zijn. 

Baba Kondu is een stukje bos van een hectare of vijf. Het is een klein beschermd stukje natuur. De bomen die er staan zijn vaak eeuwenoud. Eiken, wintereiken. Maar daar reden we niet voor door die dorpen. 

Lang, lang gelden werkten een vader en zijn dochter op het land. Onverwacht was er een windhoos. De windhoos sleurde de man en zijn dochter mee de lucht in. De vader viel bij Baba Kondu weer naar beneden. De dochter kwam terecht bij Momimo, waar een bron ontsprong. Het stukje bos is heilig voor moslims, Turks Bulgaarse moslims. Éénmaal per jaar wordt het graf bezocht, soms wel door 3000 mensen. Ze lopen drie maal om het graf, binden iets aan een tak en hopen op genezing. Van van alles en meer.

Het is een fijn, bijna Nederlands bosje. Annet vond het net de Veluwe. We liepen hier, en ook daar. Het graf van de neergevallen vader staat er mooi bij. Het was stil. En het zou er best heilig kunnen zijn. Als je dat zo zegt. 

We namen natuurlijk niets mee uit het bos. De burgemeester van één van de dorpjes in de buurt vertelde aan een krant dat ze, jaren terug, eens gras mee hadden genomen. Voor de schapen. De vrachtwagen die het gras vervoerde ging stuk en vier schapen gingen dood. Zelfs afgebroken takken blijven in het bos. En als ze al worden meegenomen worden ze gebruikt om een moskee mee te verwarmen.

Tevreden reden we terug. De honden lagen nog hetzelfde, en later de poezen ook. We zagen geen ijsvogels.