dinsdag 11 augustus 2026

Beste poezenoppaster,

Hoewel we nog steeds niet echt weten of we wel naar Nederland gaan, we zorgen zoals je weet nog steeds voor de tuin van de buren, schrijf ik toch maar vast wat dingen op. Anders komt het er misschien niet van. 

Als je poezenoppast is het nog steeds ruim boven de 30 graden dus over het algemeen slapen de poezen ergens. Met de nadruk op ergens. Het lijkt me allemaal te doen. Maar, met onze poezen weet je het nooit zeker. De nummers van de dierenartsen hangen op de koelkast en als het nodig is kun je Ali, de taxichaufeur bellen, die rijdt je dan vlug naar hen toe.

Gijs. De koning van de wereld én de redder van het universum slaapt bijna de hele dag. Maar bij Gijs moet je altijd opletten. Zo glipt hij, nu zijn haren geknipt zijn, met regelmaat onder de deur van de buurman door en staat hij buiten een beetje wereldvreemd om zich heen te kijken. Ook komt er soms een vreemde kater in de tuin die, om het ingewikkeld te maken, als twee druppels water op Anneke (die komt later) lijkt. Gijs haat die kater en meestal eindigt het met veel geblaas en een vechtpartij. Gijs komt dan weer terug met een hoofdwond die ontsteekt. Bel dan de dierenarts. Gijs is de enige poes die 's nachts binnen MOET slapen. Maar daar is hij zo aan gewend dat hij meestal zelf voor de keukendeur gaat zitten.

Lenie. Woont in het huis naast ons maar eet bij ons. Mocht je Lenie langzaam vinden, dat is zo. Maar dat doet ze expres. Als je gaat duwen dan gaat ze enorm blazen en grommen. Geduld helpt, en het is toch te warm voor snelheid. Lenie komt de laatste weken 's nachts bij Annet liggen. Reuze gezellig maar ze gaat dan omstandig de haren van Annet likken. Mocht ze dat bij jou ook doen, bedenk dan maar dat het pure liefde is.

Wim. Is zomers net zo raar als in de winter. Wim is een schatje die niets liever doet dan op schoot zitten. Tegelijkertijd vindt hij het geen enkel probleem om bijna elke andere poes te bedreigen en hard op het hoofd te meppen. Terwijl het toch een klein, gezet poesje is. Het zal onzekerheid zijn. Wim eet alleen op tafel en hoe de brokjes moeten liggen wisselt. Soms direct op tafel, soms op de deksel van de pot waar de brokjes in zitten. Inderdaad, er zijn ergere dingen.

Anneke. Kleine poes terwijl ze toch al twee is. Nu de buren langdurig in Sofia zijn heeft Anneke zich hun tuin toegeëigend. Ze volgt je met argusogen en let op of alles wel voldoende water krijgt. Anneke heeft een vreemde obsessie met water. Ze drinkt het liefst uit een gevuld glas dat in de wasbak in de keuken staat. Of uit een lopende kraan. Of water uit de slang waarmee je water geeft. O, en hoewel ze mager is gaat Anneke ongetwijfeld lopen bedelen om snoepjes. Geef ze maar gewoon, dat doen wij ook altijd.

Wilma. Dikkerdje met een gezellig humeur. Wilma praat tegen je, hele verhalen kan ze afsteken. Dat je haar niet verstaat maakt niet uit. Maar als je korte keelklanken als antwoord geeft praat ze nog een tijdje door. Wilma zit graag bij je op schoot. Al betekent dat dat ze zo'n beetje met haar hoofd tegen je neus aan gaat liggen. Ze slaapt overdag vaak in de kelder van de bouwval naast de buren. Als je haar te lang niet gezien kun je gaan staan roepen. Al terugpratend zal ze dan, het kan even duren, naar je toe komen. Om daarna nog een tijd tot in detail te vertellen over wat ze allemaal niet heeft meegemaakt.

Sorri, meest vriendelijke poes ooit. Praat, net als zijn moeder Wilma tegen je. Al is het bij Sorri meer een kermend "ik heb echt ondragelijke honger". Hoewel Sorri heel vriendelijk is en het met elke poes goed kan vinden is hij erg oplettend en doodsbang voor honden en vreemde mensen. Het is maar de vraag of je Sorri gaat zien. 

Steve. Is van de buren maar wij geven hem eten. Steve is denk ik al 12 of 13. Dat is voor hier erg oud. Hij wordt, of is, oud en erg stram. 'S ochtends komt hij tijdens het ontbijt langs om blokjes kaas te eten. Om half 4 krijgt iedereen wat natvoer. Steve krijgt een ruime bak. Als hij eten wil, krijgt hij eten. 

We zijn, als we gaan maar een dag of zes weg, dat moet te doen zijn. Maak je niet te druk. Per dag schieten wij vaak maar een keer of 2, 3 in de echte paniek.

donderdag 6 augustus 2026

Bloed in Bulgarije.

Buurman Jordan wacht in Sofia op het begin van zijn chemokuur. Vanmorgen gaf Annet één van de benodigde acht injecties aan een Thaise mevrouw die hier woont. En misschien horen we vandaag nog of we iets moeten doen voor een Nederlandse meneer die in Popovo in het ziekenhuis is terecht gekomen. Welkom in het gezondheidscentrum/poezenpension Pirin 6.

Omdat we nogal in de gezondheidsdingen terecht zijn gekomen dacht ik dat dit het juiste moment zou kunnen zijn voor één van de grootste WTF momenten die we hier tot nu toe hebben, nee niet meegemaakt, gelukkig niet. Maar, we hebben er over gehoord. Zoiets.

Kijk, in Nederland is de gezondheidszorg natuurlijk overgebureaucratiseerd, er is te weinig aandacht voor het persoonlijke individu, op elk dubbeltje wordt gelet, schande, foei en bah, dat soort dingen. Maar, en het is natuurlijk geen wedstrijdje in "kijk eens hoe beroerd het hier is", nou ja, let op.

Wie in Bulgarije in het ziekenhuis terecht komt en daar geopereerd moet worden, en er komt, of er bestaat de kans dat er bij die operatie bloed nodig is, komt ie, aan die iemand wordt door het ziekenhuis dwingend en eigenlijk verplichtend gevraagd om de waarschijnlijk benodigde hoeveelheid bloed door familieleden of vrienden aan te laten vullen. Sorry, wat? Wie geopereerd wordt moet zelf zorgen dat de bloedvoorraad wordt aangevuld. Nee! Ja, echt. Erger nog, tot dat het bloed is aangevuld wordt er niet geopereerd. Nee! Ja, natuurlijk wordt je geholpen als de situatie plots en levensbedreigend is, bij een auto ongeluk of zo maar als jij geopereerd moet worden omdat je, zeg kanker hebt, dan wordt er pas geopereerd als je vervangend bloed hebt geregeld. 

Bulgarije bungelt in het lijstje met bloeddonoren ergens ver onderaan. Als mensen al zouden willen doneren dan doen ze dat niet omdat ze rondlopen met het "ja maar straks is er iets met oma/mijn moeder/vriend en dan hebben die mijn bloed nodig" idee. Er zijn wel campagnes om het aantal bloeddonoren te verhogen en wie hier bloed geeft "krijgt" van zijn/haar werkgever een volle dag vrij. Maar het zet allemaal geen zoden aan de dijk. Er is dus een chronisch tekort aan bloed. 

Nog wat leuke dingetjes. Wie, stel in Sofia in het ziekenhuis terecht komt en daar geopereerd moet worden moet zorgen dat er door een aantal mensen bloed wordt gedoneerd bij dat specifieke ziekenhuis. Hier in het dorp woonde Dimitri. Hij wandelde een paar jaar terug in de bergen bij Sofia en kreeg daar een maagbloeding. Mensen werden opgeroepen in Sofia bloed te geven of hun vrienden en kennissen te bewegen dat te gaan doen. Sofia is 4 uur rijden vanaf hier. Je kunt dus niet hier in de buurt doneren, nee je moet naar het specifieke ziekenhuis. Dimitri is trouwens overleden. Kwam dat doordat er te lang gewacht is met opereren? Niemand die het weet. Mocht je overlijden doordat er geen bloed beschikbaar is of doordat er te lang met de operatie gewacht is omdat men liep te wachten op te doneren bloed dan wordt dat nergens bijgehouden. Bij Dimitri zal de doodsoorzaak dus "maagbloeding" zijn, nooit zal er "er kwam te laat bloed binnen" of "er was geen bloed beschikbaar" worden genoteerd. 

Gaan er veel mensen dood door deze rarigheden? Dat weet dus niemand. Want het wordt nergens officieel bijgehouden. Maar wie in de berichten hierover duikt komt regelmatig het woord "aanzienlijk aantal" tegen.

Goed, tot zover het bloed. Annet gaf vanmorgen een injectie omdat je hier voor het geven van elke injectie moet betalen. En de Nederlandse meneer die in het ziekenhuis in Popovo ligt moet misschien vandaag nog eten krijgen. Wat? Ja, wie hier in een publiek ziekenhuis terecht komt moet zelf zorgen dat hij/zij eten krijgt. Het ziekenhuis verstrekt geen eten. Kun je je dat voorstellen? Nee, ik ook niet. Maar het is hier, in Europa, in 2026 gewoon zoals het is.


 

maandag 27 juli 2026

Oppastuin

We waren vanmorgen net klaar toen we uit de tuin van Jordan een luid gekraak gevolgd door een doffe "boem" hoorde. Vanaf de veranda, zonder zelfs maar op te staan zagen we het al, er was een tak, zwaar van de bijna rijpe pruimen afgebroken. "Ach, als hij terugkomt mag hij toch geen rakia meer maken". "Als hij terugkomt". "Als".

Ons huis heeft geen tuin. Nou ja, dat klopt niet. Ons huis heeft een erg ruime tuin maar er staan alleen maar fruitbomen in. Dat vonden we meteen al een voordeel van dit huis. Aan fruitbomen heb je nauwelijks werk. Bulgaren en ook veel immigranten vinden het fantastisch om hun eigen groenten te verbouwen. Voor Bulgaren is het een way of life, het zit in hun genen. En het vult hun magere staatspensioen aan, dat natuurlijk ook. Immigranten komen hier vaak met de droom van zelfvoorzienendheid. Lekker alles zelf verbouwen. Dat vonden we meteen een matig idee. Want zo'n tuin kost een hoop, een erge hoop tijd. Het zet je helemaal vast. Je kunt geen kant meer op. Dus dat gingen we niet doen. Al was dat een gedachte die we hadden voor alle poezen besloten bij ons te komen wonen.

Ik weet het niet, ik denk dat Annet iets tegen haar zei. En toen begon Duschka vreselijk te huilen. "Dancho (Bulgaren hebben, nee, dat leg ik wel een andere keer uit) houdt zo van zijn tuin" en "Ik zie hem nog zo door de tuin lopen, altijd iets te doen". Hartverscheurend was het. We kregen de tuin uitgelegd. Nou ja, iets van uitgelegd. Iedereen was met het hoofd ergens anders, ver weg, in Sofia. 

Jordan (die ook Dancho heet, help onthouden dan leg ik dat nog eens uit) is al een tijdje ziek. Eerst negeerde hij het, daarna was het "ik heb buikpijn als ik iets gegeten heb". Nu is hij ook al 77 maar waar hij eerst nog, al was het stram, liep werd het nu schuifelen. Nou ja, het is een bar ingewikkeld verhaal waar de brakkigheid van de Bulgaarse gezondheidszorg een hoofdrol speelt. Zijn dochter die verpleegkundige is heeft een rol. Zelfs wij die ons plots erge zorgen maakten nadat we hem een tijdje terug zagen hebben een rol. 

Dancho ligt plots in een ziekenhuis in Sofia (dat is bijna 250 km verderop). Met een fors gezwel in zijn darmen. Er zijn onderzoeken en er is, eigenlijk, als ik eerlijk ben maar een heel erg ieniemienie klein beetje hoop dat het goed afloopt.

We zorgden eerder voor de tuin, maar dat was in de winter. Lekker makkelijk. Annet verzorgde de kippen en dat was het wel.  Nu, nu Duschka naar Sofia is en hun huis leeg staat, verzorgen we de tomaten, worteltjes, courgettes, mais, paprika's, okra's, pompoenen, uien, fruitbomen en waarschijnlijk nog 13 dingen die we helemaal niet eens herkennen als groente. We worstelen met een waterslang die de Balkanoorlog van 1912 nog mee heeft gemaakt en vervloeken de Bulgaarse gewoonte om alles, echt alles opnieuw te gebruiken tot het het echt niet meer doet. Maar ...

Het is belangrijk. Voor hen. "Hoe moet het dan met de tuin?". Maar tegelijkertijd is het allemaal totaal futiel. En dat weet ook weer iedereen. We wachten. Op bericht. Al zijn we daar ook bang voor.


woensdag 15 juli 2026

Vragen, vragen.

Gaat er nog een eind komen aan de stroom van ieniemienie kikkertjes (padden kan ook)(maar volgens mij zeg je dan geen padjes) die sinds de paddenregen van een paar weken terug per ongeluk via de traptreden van ons huis ongeduldig en misschien ook wel radeloos heen en weer huppen voor de keukendeur? Ze hupten vol goede moed de traptredes af maar terug huppen is voor zo'n klein kikkertje (of pad) natuurlijk niet te doen. Elke dag vang ik, als ik 's ochtends vroeg koffie zet en de poezen eten geef, degene voor de deur en zet ze terug in de tuin. In de loop van de dag vangen we dan de kikkers (of padden) die via kieren het huis zijn binnengekomen. Tientallen zijn het er tot nu toe. En we zijn ze een beetje zat. We blijven ze natuurlijk buiten zetten maar ik verdenk sommige ervan het allemaal wel grappig te vinden. De trap af hupsen en dan in een plastic bakje weer naar buiten worden gedragen.

Krijgen we een nieuwe verblijfsvergunning? Bij de vorige (voor vijf jaar) (de nieuwe zou voor tien jaar moeten zijn) moesten we vlotjes allerlei bureaucratisch halsbrekende toeren uithalen. Een Bulgaarse bankrekening terwijl veel Bulgaarse banken geen zin hadden in immigranten. Inschrijven in het Bulgaarse ziekenfonds. Allerlei in veelvoud gekopieerde papieren. Deze keer hoeven we alleen te bewijzen dat we een vast adres hebben. Maar dat lijkt me zo simpel dat ik vermoed dat de immigratiemevrouw op de dag zelf om allerlei andere noodzakelijke, en voor ons onvindbare dingetjes uit haar redelijk uitgewoonde kantoor roept. 

Laat Gijs voortaan de zwart witte kat, die gekmakend veel op Anneke lijkt met rust zodat hij niet meer in lelijke vechtpartijen belandt die er vervolgens voor zorgen dat we met hem naar de dierenarts moeten omdat zijn hoofd vol met pus is gaan zitten? Twee keer hebben we het tot nu toe gehad en waar Gijs over het algemeen een relaxte theemuts is maakt de zwart witte kater het slechtste in hem los. Zijn halve vacht vloog door de lucht en op zijn hoofd zag ik, bij de dierarts wel vijf diepe tandafdrukken zitten. En, ik had het even verdrongen, hoe gaat het met zijn volgende knipbeurt? De vorige keer misdroeg hij zich zo dat het maar goed was dat het nog niet zo heel warm werd. Maar nu het toch als vanouds boven de 30 graden is en blijft moet hij er toch echt nog een keer aan geloven.

En hoe loopt het af met buurman Jordan? Betere buren dan Jordan en Duschka kun je je als net geïmmigreerde Nederlanders niet wensen. Behulpzaam, vriendelijk en altijd bezig met het corrigeren van de klemtoon in onze beroerde uitspraak van het Bulgaars. Om daarna vlug nog een handvol courgettes/tomaten/aardappelen etc aan ons te geven. De laatste tijd rommelde de gezondheid van Jordan (77). Eerst iets met mogelijke huidkanker, daarna staar en de laatste weken at hij slecht tot niet. Misselijk was hij bij alles wat hij at. Vorige week bracht Annet hem en Duschka nog op stel en sprong naar het ziekenhuis in Veliko Tarnovo met hartklachten. Dat liep goed af maar nu blijkt hij een "iets" in zijn darmen te hebben. Maar wat dat "iets" is? We vrezen vrij zenuwachtig.

Vroeger, en er is zo langzamerhand best veel vroeger, was er een tv serie, Soap. Ik dacht dat elke aflevering eindigde met "Confused, you won't be after the next episode of Soap". Maar dat blijk ik me dus niet goed te herinneren. Ook al weer niet. Het leek me een aardige cliffhanger einde van deze tekst. Al is cliffhanger in het geval van buurman Jordan eigenlijk een te jolig woord.

Buiten bloeien de zonnebloemen en wordt het ook rap steeds warmer. Dit blog neemt even een zomerpauze. 

woensdag 8 juli 2026

Vijf jaar (poging tot een evaluatiegesprek)

"Sorry, wat?". "Evalueren? Wat dan?". "Dat we hier vijf jaar wonen?" "Gut gut, het lijkt wel werk. Maar, als je dat nou echt graag wilt weten, ok, evaluatie". 

"Of wat? Of de emigratie heeft opgeleverd wat we ervan hadden verwacht?" "Serieus? Staan die vragen op een briefje of zo?" "Maar, kijk, we hadden geen echt doel. We wilden alle twee liever niet meer werken en dat kon met het opgespaarde geld natuurlijk niet in Nederland. Mooi land Nederland maar wel een tikje prijzig. En omdat we dit huis hadden, hier in Palamartsa, gingen we hier heen en, nou, ja, we werken nog steeds niet dus het doel is bereikt zeg maar". "Of we het nog wel kunnen betalen?". "Het is wel een echt openhartige vragenlijst he?" "Maar, ik zal het even nakijken. Net als vroeger op het werk houd ik het geld bij en tel ik op, deel door zoveel, gum wat dingen uit en ja, daar is dan een bedrag. Vorig jaar gaven we gemiddeld per maand 1093 euro uit. Maar daar zat dan wel alles bij, het huis, belastingen, ziektekostenverzekering, de auto. Zulke dingen. Nee, allemaal keurig opgesplitst in allerlei kolommetjes. Ja, er is ook een kolommetje "Poezen", 205 euro per maand, gemiddeld, voor de pluizenbollen". "Wat? Ja, maar je krijgt er een hoop voor terug zullen we dan maar zeggen".

"Ja, door de poezen is het een heel ander leven geworden dan verwacht wat we hier hebben. We zouden het land rond reizen. Hier kijken, daar kijken. Maar dat zit er niet echt meer in. Oh, en ik weet het nog. Annet helpt het me soms herinneren. We waren hier drie weken en we waren in Buzludzha, in een hotel. Daar sprak ik de onvergetelijke en vaak geciteerde woorden "Maar ik ga me niet aan die poezen hechten hoor!". "Nee, dat is niet helemaal gelukt nee". "Ik zei het gister nog; Sommige mensen hebben een gloedvolle carrière. Wij redden poezen. Het is geen lastige keuze". 

"Of we geïntegreerd zijn?" "Gut, ik was in Nederland niet eens geïntegreerd, laat staan hier". "Nee, maar kijk, Palamartsa is een wonderlijk dorp. Er zijn hier Bulgaren, daar kennen we er best wat van. En er zijn hier buitensporig veel immigranten". "Wat? Nee, ze noemen zichzelf expats maar dat is een versluierend woord. Immigranten, dat zijn we. De allermeesten komen uit Engeland. En daar kennen we er wel wat van maar niet heel erg veel. Ze klitten meest bij elkaar en om nu te doen alsof we in Little England zijn komen wonen, nee". "Omdat het er nu zoveel zijn leven sommigen eigenlijk in een raar soort Engelse enclave. Ze vragen dingen aan Engelsen, krijgen antwoord van Engelsen, in het Engels. Bulgarije, Bulgaren, het is een soort ruis, een achtergrond, een soort set, toneelstuk". "Ik heb geen idee hoeveel het er zijn maar een quotum zou een goed idee zijn. De kroeg is Engels, er is een Engels bouw/klusbedrijf, een Engelse zwembadaanlegger, er is zelfs iemand die regelt vakanties voor mensen uit Engeland zodat die hier, rond het dorp op motoren door de natuur kunnen raggen". "Ja, ik heb daar wel een woord voor ja. Maar we houden het leuk". "Nee, we gaan niet veel met immigranten om. Ik ben toch al niet zo gek op mensen en, maar dan stop ik er over, er zitten ook best veel WEF haters, vaccinatieweigeraars, wolkenvrezers  en "Nederland is kut, Bulgarije is fantastisch en stuurt u wel eens heel vlug mijn uitkering op!" mensen tussen". 

"Taal? Ja, dat blijkt een tegenvaller. Toen we hier twee jaar woonden dacht ik nog optimistisch dat we dat met een jaar of 5 redelijk goed zouden spreken. Maar dat gaat niet lukken, ben ik bang". "Nee, ik denk dat dat erg met in een dorp wonen samenhangt. Je ziet hier soms letterlijk dagenlang geen mensen. Als we in zeg Sofia zouden wonen konden we veel meer, natuurlijker ook, oefenen". "Nee, het is een hondsmoeilijke taal. Er is iets met een tijdsvorm van een werkwoord dat een afgesloten handeling aangeeft, en een tijdsvorm die een zich herhalende herhaling aangeeft. En dan sta ik maar te denken wat ik precies wil zeggen, herhaalt zich dat of is het maar één keer?". "Zie je, ik kan niet eens uitleggen hoe het probleem precies zit". "Nee, we houden vol. In september gaan we weer verder met de lessen". 

"Ik heb geen zin meer hoor. Ik ben wel een beetje klaar met de evaluatie". "Als het in Nederland een paar dagen overspannen heet is moet iedereen het horen en van je wee en ach maar hier is het gewoon tot ergens in september heet, dus ik ga even zitten hoor". "Nee, we blijven nog een tijd hier. Volgende week donderdag mogen we de nieuwe verblijfsvergunning ophalen, die is geldig voor 10 jaar. En na die 10 jaar zien we wel weer verder". "Nou dan vul je het toch verder lekker zelf in. Stuur maar op, ik kijk wel of het mijn antwoorden hadden kunnen zijn. Zo voorspelbaar ben ik volgens mij wel".