zondag 17 januari 2010

De zondagse weemoed van Tom Waits

Wie er met Closing Time van Tom Waits aan kwam zetten weet ik niet meer. Het zal rond de tijd van Swordfishtrombones geweest zijn. 1983. Die plaat was een ondergrondse rage, al vond ik er weinig aan. Dat gedoe met potten en pannen, en kon die man niet gewoon zingen dan?

Closing Time komt uit 1976 (hé, daar heb je dat jaartal weer). Waits doet op deze lp nog normaal.
Eigenlijk had de plaat iets als Instant Melancholia moeten heten, of zoiets. Dat was duidelijker geweest. Je zou er zo van aan de Prozac gaan. Niet dat de plaat treurig is, of depressief, meer weemoedig tot in het extreme. Tot in de kieren van de liedjes zit de weemoed.

Martha. Over een liefde die ooit was, en toen niet meer.
Over herinneringen, vertellen, uitleggen en het wachten met het zeggen van het belangrijkste tot het bijna allerlaatst.

And I was always so impulsive,
I guess that I still am,
And all that really mattered then
Was that I was a man.
I guess that our being together
Was never meant to be.
And Martha, Martha,
I love you can't you see?

And those were the days of roses,
Poetry and prose and Martha
All I had was you and all you had was me.
There was no tomorrows,
We'd packed away our sorrows
And we saved them for a rainy day.


vrijdag 15 januari 2010

Vrijdags discodansje met The Spinners

Vandaag vind ik "Rubberband man" een lekker lied, knap gemaakt, pracht refrein. En dan die pakken, dat dansje!
Maar toen het eind 1976 uitkwam zal ik er van gegruwd hebben. Disco. Brrr.
Disco, dat kon echt niet. Vonden we.

In 1976 deed ik voor de tweede keer de eerste klas van de HAVO. We deden het nog een keer. Alweer "we".
In mijn herinnering is het alsof iedereen uit 1E bleef zitten. Kees die later plots Cees heette. S. die best ok was behalve als hij om zich heen ging slaan. H. die soms dagen niets zei, ook niet tegen leraren. Misschien was de jongen die ik laatst in de supermarkt zag er ook bij. Maar dat weet ik niet zeker meer.

Het was niet dat we niet wilden leren. Maar het kwam er gewoon niet van. En toen was het jaar plots voorbij. En werd 1E bruut uit elkaar getrokken.

Muziek was er wel. We hadden het er zelfs vaak over. Maar het klopte niet helemaal. Denk ik nu. Daar zaten we met lp's van Steely Dan, Yes, Frank Zappa, Little Feat. En Pink Floyd hebben we ook nog geprobeerd. We deden wel ons best, en we vonden het ook wel mooi. Of zoiets.
Maar het klonk allemaal ook wel erg braaf, of ouwelijk. In 1976.
Er ontbrak iets.
"Something better change". Maar dat gebeurde pas echt in 1977.

En tot die tijd zaten we wat te wachten. Op iets. En van disco te gruwen. Terwijl onder het huiswerk de pen gedachteloos op het bureautje met The Spinners meetikte.

donderdag 14 januari 2010

De kat van Jack Kerouac



Ik mag dan tegenwoordig nooit meer een roman lezen, vroeger deed ik dat wel. En dat ging dan op dezelfde, misschien wat maniakale wijze als ik nu non-fictie lees. Geef me nu een leuke bladzijde over de Burgess shale en ik wil er meteen alles van weten.

Vroeger ging dat ook zo met fictie. George Orwell, Boudewijn Büch, Ted van Lieshout, Edward Abbey, Shakespeare, Toon Tellegen, één leuk boek en voor ik het wist stond er een hele rij in de kast.

De langste rij is die met boeken van Jack Kerouac. Dat was zo'n beetje mijn eerste literaire held. Prachtige boeken schreef de man, maar soms ook totaal onleesbaar gemompel. Tragisch, dat was hij op zijn minst. Wereldberoemd geworden met "On the road" en verder zijn hele leven bezig geweest met bewijzen dat hij heus nog wel zo'n prachtboek kon schrijven. Wat wel lukte wat betreft stijl maar nooit meer wat betreft roem, verkoop, dat soort dingen.
Vastgelopen in het deels door hemzelf geschapen beeld van hippie voor die bestonden, wild, vol drank en drugs. En dat terwijl hij diep in zijn hart een aartsconservatief was.

Zijn laatste echt goede boek, vind ik, schreef hij in 1962, "Big Sur". Het boek is, net als bijna al zijn werk, autobiografisch en vertelt over zijn vastlopen in roem en het onvermogen nog te schrijven. Om aan de druk te ontkomen vlucht hij naar een hut in het natuurgebied Big Sur. Waar het niet beter met hem gaat. Allesbehalve. Het hoogtepunt van het boek is een warrig, gehaast, jachtig haast psychedelisch stuk waarin Kerouac teveel drinkt, teveel speed gebruikt en te horen krijgt dat zijn kat, Tyke is overleden. Die mededeling maakt de ware gekte in hem los.

In de biografie van Ann Charters over Kerouac staat een prachtige, diep droeve foto van hem. Helaas is die foto nergens vinden op het internet.
De grote literaire held, de voorbeeldrebel zit uitgeblust, zijn hoofd leunend op zijn arm met lege ogen naast zijn moeder met wie hij dan weer in één huis woont. In de schoot van zijn moeder ligt een kat te slapen.
Alles is droefheid op die foto.

Kerouac had wat met katten. En het meest had hij met Tyke, wiens overlijden hem in Big Sur een zenuwinzinking bezorgde en met wie hij op de foto boven dit stukje staat.

De url van dit blog begint dan ook niet voor niets met Tyke.

woensdag 13 januari 2010

Marktonderzoek in de OBA



Van een tabel hier of een grafiek daar schrik ik niet meer zo gauw. Dacht ik. Tot vanmorgen.

In de OBA werden de uitkomsten van een marktonderzoek gepresenteerd. Niet zomaar het zoveelste marktonderzoek onder een klein groepje maar een heus echt en volwaardig onderzoek gedaan in opdracht van de projectgroep bibliotheekinnovatie. Onder 2000 mensen (leden en niet-leden) van 14 (kan ook 16 of 18 zijn) tot 65.
Kort samengevat onderzocht men wat een ideale bibliotheek zou zijn, wat men vindt van de huidige bibliotheek, welke doelgroepen er te onderscheiden zijn, wat men vindt van de aangekondigde mogelijkheden van bibliotheek.nl en in hoeverre bibliotheek.nl een aanvulling/verbetering zou zijn op de fysieke bibliotheek.

Dat is dus een hoop. En er rolde dan ook een grote hoeveelheid data en grafieken over het scherm.

Wat me bijbleef.

27% van de mensen die in de bibliotheek komt, leent/gebruikt grijs. Dat is een hoop. Als bibliotheken die mensen zou kunnen verleiden lid te worden scheelt dat 2 miljoen leden.

De ideale bibliotheek is voor mensen een bibliotheek met een ruim aanbod (45%), waar je snel en efficiënt iets kunt vinden (44%) en is een onuitputtelijke bron tot ontdekken (31%)

Zwaktes in de beleving van de ondervraagden zijn dat men niet snel en efficiënt iets kan vinden, dat men niet verrast wordt en dat bibliotheken in de beleving niet praktisch en vriendelijk zijn en dat men bibliotheken ziet als streng en zakelijk.

En dan bibliotheek.nl zoals het zou kunnen worden. Wat vindt men daarvan?
57% vindt de site aantrekkelijk en 62% geeft aan de site te zullen gaan gebruiken. Van de niet-leden zegt 49% dat ze de site zouden gaan gebruiken. 16% van de niet-leden zegt zelfs dat men lid zou worden vanwege de site.

Helaas vindt men bibliotheek.nl niet vriendelijk, sociaal, gemoedelijk en warm. Maar wel weer streng en zakelijk. Dat valt dus tegen.

En dan nog even wat men vond van de mogelijke functionaliteiten van bibliotheek.nl.
Tja.
De dingen waar men toch het allervrolijkst van werd waren het online verlengen, reserveren en zoeken. 71% vond dat helemaal prachtig. Voor de web 2.0 adepten onder de lezers. Helaas vond maar 21 % de geboden widgets de bom en maar 26 % wilde zelf gaan taggen.

Omdat er ook nog koffie moest worden gedronken kon ik niet tot het eind blijven. Ik weet dus niet of men ook heeft gevraagd of de ondervraagden bekend waren met de mogelijkheden van de huidige bibliotheek sites.

En dat was het wel. Ik kan het gekrabbel op mijn bloknoot verder niet lezen. Helaas kregen we het rapport niet mee naar huis. Als alles goed gaat kan het wel vanavond gedownload worden vanaf de nieuwe VOB site en/of bibliotheek.nl.
En als het vanvond niet lukt dan kan het morgen. Heus. Zei men.

Update. De presentatie kan nu gedownload worden. Voor het hele rapport moet je even mailen. Het adres staat op dezelfde pagina.

dinsdag 12 januari 2010

#durftevragen



Het was me een beetje ontgaan, #durftevragen op Twitter, maar de laatste tijd zie ik steeds meer van die hashtags voorbij komen. Mooi, simpel, to the point en vlug.

Al met al.

Is #durftevragen de geruisloze opvolger van Al@din?
Is er een boot gemist?
Kunnen we (nog) iets met #durftevragen?
Of moet #durftevragen dan toch echt iets met bronvermeldingen gaan doen?